Kies uw kerk

Preek van de week

2015-05-24. Van binnen naar buiten

Preek Pinksterzondag, B

 

Eerste lezing: Handelingen der apostelen 2, 1-11

Evangelie: Johannes 15, 26-27. 16, 12-15

We zeggen wel eens: ‘Als Pasen en Pinksteren op één dag valt’. We bedoelen dan te zeggen: “Dat gebeurt toch nooit, daar hoef je niet op te rekenen”. Is dat zo? Laten we samen eens kijken.

In zowel de eerste lezing, als in het evangelie is er sprake van de komst van Gods Geest. In het evangelie horen we hoe Jezus op paasavond bij zijn leerlingen binnenkomt. Uit angst hadden de leerlingen alle deuren en ramen gesloten. Met Pasen ontvangen de leerlingen, achter gesloten deuren, de adem van de Geest. Om daarmee het werk van de Verrezen Heer voort te zetten. Maar ze treden nog niet naar buiten. Dat gebeurt pas op de vijftigste dag. Vandaag dus! Er is blijkbaar een tijd van bezinning nodig om te beseffen dat Gods Geest in hen werkt en hen de kracht geeft om vrijmoedig naar buiten te treden. Wat – met andere woorden – met Pasen reeds gegeven is, komt met Pinksteren naar buiten.

Steeds meer horen we hoe mensen hun jachtig leven voor een korte tijd verlangen te verlaten. Al dan niet vrijwillig wordt de eenzaamheid op gezocht. In o.a. kloosters of meditatiecentra. Door de stilte en het andere levensritme hebben mensen de tijd om te ontdekken wat er allemaal in hen leeft, wat hen stuurt, maar ook welke kracht er in hen huist. Het is een soort thuiskomen bij jezelf: in de stilte kun je ontdekken welke kracht er al lang in je is. Je kunt eindelijk met die kracht aan het werk gaan.

Er kunnen leiders, politici zijn die ons inspireren door de wijze waarop ze spreken, of werken. Hebben we onszelf dan wel eens de vraag gesteld: waar haalt deze vrouw of man de vrijmoedigheid vandaan, om tegen de maatschappelijke stroom in, een ander geluid te laten horen? Ze doen dat niet eenmaal, maar steeds weer opnieuw. Een oplettende luisteraar bemerkt vaak dat er een steeds grotere vrijmoedigheid nodig is om te spreken waar het hart vol van is.

Het blijkt dat zo’n persoon in de tijd steeds dichter bij zichzelf komt; haar of zijn ideaal. Dat wat eerst van binnen verborgen zat als een klein vlammetje, treedt langzaam aan het licht en door de zuurstof die het krijgt wordt de vlam als maar groter en groter en tenslotte  helderder.

Ook nu kunnen mensen de ervaring van de apostelen beamen. Ze treden van binnen naar buiten, van ongehoord gehoord te worden en van ongezien nu gezien te zijn. Alleen zo kan hun boodschap de wereld begeesteren en veranderen tot een wereldparadijs. Wat geldt voor hen, geldt ook voor ons…!

 

Amen.

Pentecost (1732)

Jean II Restout Frense schilder (1692 - 1768)

Olieverf op canvas, 465 x 778 cm

Musée du Louvre, Paris

De bedoeling van deze dramatische afbeelding van Restout’s dag van Pinksteren is om het moment van de komst van ‘Gods adem' vast te leggen. Als iets van een apocalyptisch element van de afdaling van de Geest. Restout tekent een buitenaards element om de gebeurtenis te schilderen.

Johannes 15, 26-27

Johannes 15, 26-27

De komst van de Heilige Geest ziet er ongeveer uit als een meteorenregen, vulkaanuitbarsting of een andere catastrofaal gebeuren. Misschien kunnen we het voorstellen als een creatieve 'Big-Bang'.
De kunstenaar vangt onzekerheid, zelfs angst, in het Pinksterverhaal. Hier is Gods Geest zeker wild en ongetemd. De tongen van 'vuur' en 'wind' afkomstig van een enkel goddelijk licht, lijkt aan elk individu te zijn gericht.
Het schilderij verwijst naar Pinksteren als zowel een kosmische als een persoonlijke gebeurtenis.
De verschillende reacties op deze afbeelding die getoond worden, lijken heel natuurlijk open en ontvankelijk, zie Maria en de andere vrouwen. De discipelen worden verscheurd door de gebeurtenis. Restout beeldt enkele lopend, anderen duikend, en wat verbergend, zoals de leerling die in elkaar gedoken zit voor het altaar.
De leerlingen lijken iets van een onbehagen met de dingen van de Geest te kapselen: sommigen zijn enthousiast; sommige onzeker, en anderen zijn volledig in angst.
Tongen van vuur rusten op elk hoofd; vloeiend als geleerde talen uit de hele wereld.

Handelingen der apostelen 2, 1-11

Pinksteren
Toen de dag van Pinksteren aanbrak, waren zij allen op één plaats bijeen. Plotseling kwam er uit de hemel een geraas alsof er een hevige wind opstak, en het vulde heel het huis waar zij waren. Er verschenen hun vurige tongen, die zich verspreidden en zich op ieder van hen neerzetten. Zij raakten allen vol van heilige Geest en begonnen te spreken in vreemde talen, zoals de Geest hun ingaf. Nu woonden er in Jeruzalem vrome Joden, afkomstig uit ieder volk onder de hemel. Toen dat geluid opkwam, liep de menigte te hoop en raakte in verwarring, omdat iedereen hen in zijn eigen taal hoorde spreken. Ze stonden versteld en vroegen zich verwonderd af: ‘Maar dat zijn toch allemaal Galileeërs die daar spreken! Hoe is het dan mogelijk dat ieder van ons de taal van zijn geboortestreek hoort? Parten en Meden en Elamieten, en bewoners van Mesopotamië, Judea en Kappadocië, Pontus en Asia,  Frygië en Pamfylië, Egypte en het Libische gebied bij Cyrene, en hier woonachtige Romeinen,  Joden en proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken over de grote daden van God.’

Johannes 15, 26-27. 16, 12-15

De haat van de Wereld
Wanneer echter de Helper komt die Ik jullie zal zenden als Ik bij de Vader ben – de Geest der waarheid, die van de Vader komt – zal Hij over Mij getuigenis afleggen; en ook jullie moeten getuigenis afleggen, want jullie zijn vanaf het begin bij Mij.

De taak van de Geest
Eigenlijk heb Ik jullie nog veel te zeggen, maar je kunt het nu nog niet verwerken. Wanneer de Geest der waarheid komt, zal Hij jullie leidsman naar de volle waarheid zijn – niet dat Hij eigenmachtig zal spreken, Hij zal slechts zeggen wat Hij te horen krijgt – en wat komen gaat, zal Hij jullie meedelen. Hij zal Mij verheerlijken, want wat Hij jullie zal meedelen, komt van Mij. Alles wat de Vader heeft is ook van Mij; daarom mag Ik zeggen dat hetgeen Hij jullie zal meedelen, van Mij komt.

Archief preken