Kies uw kerk

Preek van de week

2016-12-24. op weg naar het kind

Preek Kerstnachtmis, A

 

Eerste lezing: Jesaja 9, 1-3. 5-6

Evangelie: Lucas 2, 1-14

Het lijkt wel eens op alsof er met kerstmis een sluier van melancholie valt over onze wereld. Liefde en vriendschap, huiselijkheid, aandacht voor mensen die eenzaam zijn, dat alles scoort hoog in deze dagen. Hemel en aarde raken elkaar en even licht op wie we zouden willen zijn. En tegelijk vindt er slijtage plaats van mooie woorden zoals vrede en gerechtigheid. Slijtage bij mensen, die met verbijstering zien wat er gebeurt in Irak, in Aleppo, in Mosoel of Oost Congo, alle vredesboodschappen van deze dagen ten spijt. Is het dat nu waartoe mensenkinderen geboren worden?

Het kerstverhaal sluit daar bij aan. Twee mensen, man en vrouw in verwachting van hun eerste kind zijn de speelbal van politieke machten. Je hebt als mens niet veel te willen wanneer Washington of Brussel of Moskou hun besluiten afkondigen.
Ook Maria en Jozef tellen niet mee. Ze worden geteld en zijn alleen belangrijk vanwege de macht van het getal. Het kerstverhaal laat daarover geen misverstand bestaan.
Maar juist dan gaat de hemel open. God zelf buigt zich over onze wereld en legt al zijn hoop en verwachting neer bij dat naamloze kind dat in Betlehem geboren wordt. Emanuel, God met ons wordt het genoemd en engelen komen niet uitgezongen over de nieuwe wereld die mogelijk wordt.

Op onze weg naar kerstmis heeft de profeet Jesaja ons in de afgelopen weken langs dromen en visioenen geleid. Op de eerste zondag van de advent hoorden we hoe zwaarden worden omgesmeed tot ploegijzers; we hoorden hoe de wolf en het lam in vrede samen leven, hoe de woestijn en het dorre land gaan bloeien. En hoe er soms een kind geboren wordt op wie de geest des Heren rust, de geest van wijsheid en verstand, de geest van raad en sterkte.

De liturgie heeft Jesaja niet voor niets aan het woord gelaten. Maar je kunt je natuurlijk afvragen, wat wij ons moeten voorstellen bij deze beelden van de profeet die zo haaks staan op onze werkelijkheid. Ik heb de afgelopen weken in de liturgie stil gestaan bij deze schitterende visioenen. Want natuurlijk willen wij zo’n paradijselijke wereld.
Maar het was Johannes de doper die ons telkens weer met twee benen op de grond plaatste. En in zijn voetspoor heb ik toen gezegd: Zwaarden die worden omgesmeed? De wapenindustrie laat zich niet zo gemakkelijk omvormen tot een bedrijfstak die zich richt op werktuigen voor de biologische landbouw. De wolf en het lam blijven elkaar naar het leven staan, want agressie lijkt wereldwijd niet te stuiten. En de dorre woestijn van tijd is geld geeft ook in 2016 of 2017 weinig hoop voor een opbloei van menselijke waarden. Vrede, recht en gerechtigheid komen niet als dauw uit de hemel neerdwarrelen, dat is mensenwerk.

Lucas 2, 1-14

Lucas 2, 1-14

En zo’n kind op wie de Geest des Heren rust, zal dat ooit bij machte zijn om met wijsheid en verstand vrede en gerechtigheid te brengen? Zal dat ooit bij machte zijn om onze huizen en steden om te bouwen tot herbergen van gastvrijheid waar niemand wordt beoordeeld op zijn afkomst of op zijn geld? En zal zo’n mensenkind God ter sprake durven brengen op de killing fields van onze wereld?

Gelukkig ging niet alleen toen in Betlehem de hemel open. Wanneer wij Kerstmis vieren dan mogen wij weten dat God ook op ons zijn Geest laat rusten.

Kerstmis is daarmee een uitnodiging en een uitdaging aan ons om na te denken over onze diepste roeping. Wat doet de Geest des Heren met ons? Waar durven wij onze naam aan te verbinden? Want niet in Washington, Brussel, Den Haag of Moskou wordt het lot van onze wereld bepaald, maar daar waar mensen bereid zijn om voor elkaar op te komen en elkaar te zien als naaste, daar waar men zorg heeft voor het milieu, daar waar recht en gerechtigheid het doen en laten van menen. Elk mensenkind wordt daartoe geboren.
Misschien is dit wel de meest indringende vraag die Kerstmis aan ons stelt. Durf je het aan om verantwoordelijkheid nemen voor je naaste, voor jouw wereld?
Zullen engelen ook voor mij zingen omdat God welbehagen in me heeft?

Kerstmis roept veel vragen op, vragen aan ieder van ons.
Kerstmis vieren betekent immers: op weg gaan naar het kind in de kribbe, kind van God.
Maar aangekomen bij de stal vind je ook het kind, dat je ooit zelf was; een kind vol belofte met dromen en visioenen, ook kind van God. Ja, laten we toch maar weer kerstmis vieren, neerknielen bij dat kind met die mooie naam Emanuel, God met ons, even thuiskomen bij hem en….bij onszelf.

 

Ik wens u een zalig kerstfeest.

Afbeelding: Mystic Nativity (1500)

        Schilder: Sandro Botticelli (Florence, circa. 1445 – 1510)

Techniek: tempera op doek (109 × 75 cm)

Te bezichtigen in National Gallery, Londen, Engeland

De 'Mystic Nativity' toont engelen en mensen die de geboorte van Jezus Christus vieren. De Maagd Maria knielt in aanbidding voor haar zoontje, gadegeslagen door de os en de ezel bij de kribbe. Maria's echtgenoot, Jozef, slaapt in de buurt. Herders en wijze mannen zijn gekomen om de pasgeboren koning te bezoeken. Engelen in de hemel dansen en zingen lofzangen. Op aarde verkondigen zij vrede, vreugdevol omarmen ze deugdzame mannen, terwijl zeven demonen versloeg vluchten naar de onderwereld.

Botticelli’s schilderij is al lange tijd de 'Mystic Nativity', vanwege zijn mysterieuze symboliek. Het combineert de geboorte van Christus, zoals verteld in het Nieuwe Testament met een visie van zijn wederkomst zoals beloofd in het boek Openbaring. De tweede geboorte - Christus 'terugkeer naar de aarde - zou het einde van de wereld en de combinatie van toegewijde christenen met God inluiden.

Het beeld werd geschilderd anderhalf millennium na de geboorte van Christus, als religieuze en politieke omwentelingen vragen om profetische waarschuwingen over het einde van de wereld.

'The Mystic Nativity' werd waarschijnlijk geschilderd voor een Florentijnse patroon als een privé devotioneel werk.

Jesaja 9, 1-3. 5-6

Gods opgeheven hand
Het volk dat ronddwaalt in het donker, ziet een helder licht. Over hen die wonen in een land vol duisternis gaat een stralend licht op. Uitbundig laat U hen juichen en U overstelpt hen met vreugde; zij verheugen zich voor uw aanschijn zoals er vreugde is bij de oogst en gejuich bij het verdelen van de buit. Want het drukkende juk, de stang op hun schouders, de stok van de drijver, U breekt ze stuk als op de dag van Midjan.
Want een kind wordt geboren, een zoon wordt ons gegeven. De heerschappij rust op zijn schouders; men noemt hem wonder van beleid, goddelijke held, vader voor eeuwig, vredevorst. Groot is de macht en eindeloos de vrede voor de troon van David, voor zijn koninkrijk; hij zal het stichten en onderhouden door recht en gerechtigheid vanaf nu en voor altijd. De geestdriftige liefde van de Heer van de machten zal dit teweegbrengen.

Lucas 2, 1-14

Geboorte van Jezus
In die dagen vaardigde keizer Augustus een decreet uit dat de hele wereld zich moest laten registreren. Deze eerste registratie vond plaats toen Quirinius gouverneur van Syrië was. Allen gingen op weg om zich te laten inschrijven, ieder in zijn eigen stad. Zo ook Jozef; hij ging van de stad Nazareth in Galilea naar Judea, naar de stad van David, Bethlehem genaamd, omdat hij uit het huis van David stamde, om zich te laten inschrijven, samen met Maria, zijn verloofde, die zwanger was. Terwijl ze daar waren kwam voor haar de tijd dat ze moest bevallen, en ze baarde een zoon, haar eerstgeborene; ze wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voerbak, omdat er geen plaats voor hen was in het gastenverblijf. Er waren daar in de buurt herders, die in het veld overnachtten om de wacht te houden bij hun kudde. Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en de heerlijkheid van de Heer omstraalde hen. Ze schrokken hevig. Maar de engel zei: ‘Schrik niet, want ik heb een goede boodschap voor u, een grote vreugde voor het hele volk. Vandaag is in de stad van David uw redder geboren; Hij is de Messias, de Heer. Dit is het teken voor u: u zult een kind vinden dat in doeken is gewikkeld en in een voerbak ligt.’ Plotseling was er bij de engel een heel leger uit de hemel; ze loofden God met de woorden: ‘Glorie aan God in de hoogste hemel, en op aarde vrede onder de mensen in wie Hij een welgevallen heeft.’

Archief preken