Kies uw kerk

Preek van de week

2017-05-07. Herderschap

4de zondag van Pasen 2017, A

 

Eerste lezing: Handelingen van de apostelen 2, 14a.36-41

Evangelie: Johannes 10, 1-10

De herder die met zijn kudde rondtrekt, is van oudsher een vertrouwd beeld in het oosters landschap. Daarom spreekt het wel vanzelf, dat wij dit beeld ook herhaaldelijk tegenkomen in de H. Schrift. De grote mannen van Israël treffen we aan bij de kudde, zoals Mozes, die de kudde van zijn schoonvader weidt tot ver in de woestijn. Ook David wordt achter de kudde vandaan gehaald. En natuurlijk zijn het in het kerstevangelie de herders die zelfs ’s nacht de wacht houden bij hun kudde die het goede nieuws horen van dat kind dat geboren wordt. Het harde herdersberoep is blijkbaar een goed leerschool voor de leiders van het volk.

Het zijn vooral de profeten die de slechte leiders aanklagen als herders die zichzelf weiden en niet de kudde. En die heb je natuurlijk in alle tijden. Het gaat om leiders in het groot of het klein, die telkens weer misbruik maken van hun positie. En als je dan onze huidige wereld overziet, dan is dat een onafzienbare lijst van namen. Blijkbaar is het moeilijk om integer te blijven als je macht hebt en het recht naar je hand kunt zetten. Maar ook in onze dagen zijn er gelukkig veel kritische stemmen die evenals de profeten dikwijls met gevaar voor eigen leven corrupte leiders aanklagen.

Precies halverwege het Johannesevangelie verschijnt het beeld van Jézus als de herder. Hij is er niet op uit om van de kudde te profiteren, nee, Hij is gekomen: 'opdat zij leven zouden bezitten en wel in overvloed'. Bovendien geeft Hij als dat nodig is zijn eigen leven voor zijn schapen. Hij past daarmee in het beeld dat de H. Schrift tekent van de ware herder.
Dieven en rovers, zoals Johannes de slechte herders noemt, zijn er genoeg te vinden. En dan gaat het nog niet eens zozeer om topmanagers die zich verrijken of politici die de aandacht willen trekken. Het gaat er natuurlijk veel meer om dat wij in onze wereld mensenrechten, armoede, vrijheid van meningsuiting, gelijkheid van man en vrouw enz. ondergeschikt maken aan economische en politieke overwegingen.

Johannes 10, 1-10

Johannes 10, 1-10

Om in zo'n wereld herder te kunnen zijn, moet je jezelf steeds opnieuw bevragen op zijn stelregel: Geef je leven door aan anderen, of leef je ten koste van anderen? Herder zijn is niet eenvoudig. En daar komt nog bij dat Jezus herderschap niet ziet als iets van leiders alleen, maar als een hele fundamentele houding van al zijn leerlingen. Pastorale zorg is een zorg die iedere leerling moet hebben voor elk andere medemens. Het is de zorg van u en mij voor elkaar.

Ik mag zelf over twee weken mijn 50-jarig priesterfeest vieren. Dat is zo’n moment waarop je terugblikt. Ik heb dat de afgelopen weken gedaan. En dat beeld van de herder stond mij daarbij natuurlijk ook voor ogen. Dat beeld roept op zo’n moment veel vragen op. Hoe was ik herder? Hoe was ik pastor? Voor mij is dat beeld van de herder in al die jaren een ideaal geweest, een uitdaging zelfs. Maar ik heb steeds pastor mogen zijn te midden van parochianen die pastorale zorg naar elkaar eveneens als een opdracht zagen. Ik mocht gangmaker zijn. Ik deed dat graag en ik heb daar mij beste krachten aan mogen gegeven. En dan is zo’n jubileum een feest. Ik ben daar ook dankbaar voor en ik hoop nog enkele jaren vanuit de zijlijn als pastor van dienst te kunnen zijn. Want herder zijn – u zult dat allemaal kunnen beamen – is voor ieder van ons een roeping, een wijze van leven.

 

Amen.

Preekstoel: De herder met zijn schapen

Te bezichtigen in: St Gorgoniuskerk, Hoegaarden, België

Handelingen van de apostelen 2, 14a.36-41

        Toespraak van Petrus
Op Pinksteren trad Petrus naar voren met de elf en verhief zijn stem om het woord tot hen te richten: 'Gij allen, joodse mannen en bewoners van Jeruzalem, weet dit wel en luistert aandachtig naar mijn woorden.
Voor heel het huis van Israël moet dus onomstotelijk vaststaan, dat God Hem en Heer en Christus heeft gemaakt, die Jezus, die gij gekrui­sigd hebt.' Toen zij dit hoorden, waren zij diep getroffen en zeiden tot Petrus en de overige apostelen: 'Wat moeten we doen, mannen broeders?' Petrus gaf hun ten antwoord: 'Bekeert u en ieder van u late zich dopen in de naam van Jezus Christus tot vergeving van uw zonden. Dan zult gij als gave de heilige Geest ontvan­gen. Want die belofte geldt u, uw kinderen en allen die verre zijn, zovelen de Heer onze God roepen zal.' Met nog vele andere woorden legde hij getuigenis af, en hij vermaande hen: 'Redt u uit dit ontaarde geslacht.' Die zijn woord aannamen lieten zich dopen, zodat op die dag ongeveer drieduizend mensen zich aansloten.

Johannes 10, 1-10

        De Herder en zijn schapen
Waarachtig, Ik verzeker u: wie niet door de deur de hof van de schapen binnenkomt, maar naar binnen klimt op een andere plaats, kan alleen maar een dief zijn en een bandiet. Wie wel door de deur binnenkomt, is de herder van de schapen. Voor hem doet de deurwachter open en de schapen horen zijn stem. Zijn schapen roept hij ieder bij zijn naam, en hij brengt ze naar buiten. En als hij zijn schapen allemaal naar buiten heeft gebracht, trekt hij voor hen uit, en de schapen volgen hem omdat ze zijn stem kennen. Een vreemde echter zullen ze nooit volgen; integendeel, ze gaan voor hem op de vlucht, omdat ze de stem van vreemden niet kennen.’ In deze versluierende taal sprak Jezus hen toe, maar ze begrepen niet wat Hij hun te zeggen had. Jezus ging dus verder: ‘Waarachtig, Ik verzeker u: Ik ben de deur voor de schapen. Al degenen die vóór Mij zijn gekomen, zijn dieven en bandieten, naar hen hebben de schapen niet geluisterd. Ik ben de deur; wie door Mij binnenkomt zal gered worden: die kan vrij in en uit gaan en zal weidegrond vinden.  Een dief komt alleen maar om te roven en te slachten, en om verloren te laten gaan; Ik ben gekomen opdat ze leven mogen bezitten, en wel in overvloed

Archief preken