Kies uw kerk

Preek van de week

2017-09-17. Naar 'jezelf' kijken

Preek 24ste zondag van het jaar, A

 

Eerste lezing: Jezus Sirach 27, 30 - 28, 7

Evangelie: Matteüs 18, 21-35

Dit weekend lezen we verder in het evangelie van Matteus. En wanneer je dat evangelie zo van week tot week beluistert, dan merk je hoe Matteus, wanneer hij Jezus optreden beschrijft, heel consequent de opbouw van de kerkgemeenschap in het vizier heeft. Hij heeft een scherp oog voor wat er zoal speelt tussen mensen. Hij kent hun goede wil en hun onvermogen. En daarmee is zijn evangelie natuurlijk een spiegel voor elke parochie. Aan het begin van een nieuw werkjaar is het goed om in die spiegel te kijken.

We hebben in de afgelopen weken bij Matteus kunnen horen: Ook kerkmensen zijn geen heiligen; in plaats van leerling zijn ze veel liever leraar. Kerkmensen beroepen zich vaak op Gods woord, terwijl ze vergeten om naar Gods woord te luisteren en er naar te leven. Maar we hoorden ook: kerkmensen hebben een sleutelpositie bij de opbouw van een samenleving die gebaseerd is op respect en aandacht voor elkaar. En vorige week hoorden we: Ook kerkmensen moeten soms ter verantwoording worden geroepen en dragen verantwoordelijkheid voor elkaar.

De beide schriftlezingen van dit weekend staan in diezelfde lijn. Ze geven aan hoe haat en wrok een gemeenschap kunnen verzieken. Maar ook hoe mensen in hokjes denken, hoe makkelijk men op elkaars tenen gaat staan. Er worden in beide lezingen geen moeilijke woorden gebruikt. Ze hebben eigenlijk geen uitleg nodig. Het gaat er gewoon om hoe mensen met elkaar omgaan, mensen die dicht bij elkaar wonen, alles zien van elkaar en de slechte kanten het eerst.

Mattheus 18, 21-35

Mattheus 18, 21-35

Matteus weet alles van goede wil en bezieling. Van mensen die al het kerkenwerk niet voor zichzelf doen, maar voor de parochie. Maar ook van mensen die zich niet erkend of tekortgedaan voelen. Hoe ga je dan met elkaar om?

Hoe vaak moet ik mijn broeder of zuster vergeven? Tot zevenmaal toe?
De vraag die Petrus stelt heeft een paar ondertonen en het is belangrijk om die te horen. Petrus wil een duidelijke grens stellen aan wat hij van de ander wil accepteren. En hij heeft zelf het gevoel dat hij die grens heel ruim stelt. Hij wil zeker niet zomaar om niks kappen met zijn broeder of zuster. Maar op zeker moment is de maat wel vol, is zijn geduld wel uitgeput.

Maar Jezus heeft die ondertoon gehoord. En hij reageert op een heel verrassende manier. Hij zegt namelijk: je kunt aan vergeving geen grenzen stellen en dat besef je pas wanneer je weet hoezeer je zelf vergeving nodig hebt. Een ander vergeving schenken, begrip hebben voor zijn zwakke kanten, voor zijn slechte kanten zelfs, is alleen mogelijk, wanneer je ook je eigen schaduwzijden kent.

Nogmaals: Het gaat hier bij Matteus om de basisprincipes voor de geloofsgemeenschap en dan mag je niet enghartig grenzen stellen, zoals Petrus doet. Maar je moet allereerst naar jezelf kijken.
En dat betekent:

Weten dat je ook als leraar allereerst leerling moet zijn.
Weten dat je goed moet luisteren, voordat je gaat verkondigen of het vingertje opheft.
Weten dat je verantwoordelijkheid draagt voor elkaar en elkaar daarop mag aanspreken.
Weten dat je daarvoor zelf integer moet zijn.
Weten dat vergeven vanzelfsprekend moet zijn omdat je zelf leeft van Gods genade,
Ik kan me voor een parochie geen betere spiegel bedenken.

En als we samen regelmatig durven kijken in die spiegel die Matteus ons voorhoudt, dan denk ik dat een geloofsgemeenschap zoals hier rond de Antoniuskerk een weldaad is voor de samenleving. Ik wens jullie een goed en zegenrijk nieuw werkjaar toe.

 

Amen

Jezus Sirach 27, 30 - 28, 7

        Vergiffenis
Ook wrok en gramschap zijn iets afschuwelijks: alleen een zondaar blijft ermee lopen. Wie wraak neemt, zal de wraak van de Heer voelen: Hij zag zijn zonden nooit uit het oog verliezen. Vergeef uw naaste zijn onrecht: dan worden, wanneer gij erom bidt, uw eigen zonden kwijtgescholden. Kan een mens, die tegenover een medemens in zijn gramschap volhardt, bij de Heer zijn heil komen zoeken? Kan hij, die onverbiddelijk is voor zijn evenmens, om vergeving bidden voor zijn eigen zonden? Als iemand, die zelf maar een mens is, in zijn wrok volhardt, wie zal dan verzoening bewerken voor zijn zonden? Denk aan het einde en houd op met haten; denk aan de ondergang en de dood en houd u aan de geboden. Denk aan de geboden en wrok niet tegen uw naaste; denk aan het verbond met de Allerhoogste en zie door de vingers wat maar onwetendheid is.

Evangelie: Matteüs 18, 21-35

        Gebed en vergevingsgezindheid
Toen kwam Petrus naar Jezis toe en sprak: “Heer, als mijn broeder tegen mij misdoet, hoe dikwijls moet ik hem dan vergeven? Tot zevenmaal toe?” Jezus antwoordde hem: “Neen, zeg Ik u, niet tot zevenmaal toe, maar tot zeventigmaal zevenmaal. Daarom gelijkt het Rijk der hemelen op een koning die rekening en verantwoording wilde vragen aan zijn dienaren. Toen hij hiermee begon, bracht men iemand bij hem die tienduizend talenten schuldig was. Daar hij niets had om te betalen gaf de heer het bevel hem te verkopen met vrouw en kinderen en al wat hij bezat om zo de schuld te vereffenen. De dienaar wierp zich voor hem neer en smeekte: Heer, heb geduld met mij en ik zal u alles betalen. De heer kreeg medelijden met die dienaar, liet hem gaan en schold hem de geleende som kwijt. Maar toen die dienaar buiten kwam, trof hij daar een andere dienaar die hem honderd denariën schuldig was; hij greep hem bij de keel en zei: Betaal wat je schuldig bent. De andere dienaar wierp zich voor hem neer en smeekte: Heb geduld met mij en ik zal u betalen. Maar hij weigerde en liet hem zelfs in de gevangenis zetten, totdat hij zijn schuld zou hebben betaald. Toen nu de overige dienaren zagen wat er gebeurd was, waren zij diep verontwaardigd en gingen hun heer alles vertellen. Daarop liet de heer hem roepen en sprak: Jij lelijke knecht, heel die schuld heb ik je kwijtgescholden, omdat je mij erom gesmeekt hebt. Had jij dan ook geen medelijden moeten hebben met je mededienaar, zoals ik met jou medelijden heb gehad? En in woede boosheid ontstoken leverde zijn heer hem over aan de beulen, totdat hij zijn hele schuld betaald zou hebben. Zo zal ook mijn hemelse Vader met ieder van u handelen, die niet zijn broeder van harte vergiffenis schenkt.”

Archief preken