Kies uw kerk

Preek van de week

2019-04-28. Geloof in de kracht van Jezus

2de zondag van Pasen, C

 

Eerste lezing: Handelingen der apostelen 5, 12-16

Evangelie: Johannes 20, 19-31

We hebben vorige week Pasen gevierd. We hebben geluisterd naar verhalen van schepping en bevrijding.
Ik wil u graag meenemen in het tafereel van de ongelovige Thomas. Daarom ben ik zo vrij om dit maal een schilderij mee te nemen om daar samen naar te kijken en er bij te verwijlen. De schilder neemt ons mee in zijn geloofservaring van de verrezen Christus.

We weten uit het Johannesevangelie dat Jezus zojuist voor de tweede keer aan de leerlingen is verschenen. Jezus nodigt Thomas uit; steek je hand in mijn zijde, bekijk mijn handen en overtuig jezelf. Op het schilderij is Thomas bezig vast te stellen of het waar is wat hij ziet, nl. Jezus zelf, en wat hij hoort: de stem van Jezus. Hij hoort en ziet, maar hij blijft terughoudend. Hij wil aan den lijve ondervinden, kunnen pakken, tasten.

Laten we nu eens naar het schilderij kijken.

Precies in het midden van het schilderij staat Jezus afgebeeld. Thomas en een geleerde staan aan weerskanten. Schuin achter deze drie zijn op de achtergrond nog twee andere figuren te zien.
Jezus staat in het midden en het licht valt op zijn schouder en borst. Hij heeft bereidwillig zijn bovenlijf ontbloot en kijkt hoe Thomas met zijn wijsvinger de wond betast.

Links van Jezus staat Thomas. De schilder heeft voor Thomas een beetje een primitieve kerel genomen. Het is wel duidelijk dat deze Thomas aan: "Van horen zeggen", geen boodschap heeft. Daar handelt hij ook naar; hij steekt de top van zijn wijsvinger in Jezus' wond. Het is zo realistisch gedaan dat je het als het ware ziet gebeuren. We staan er met onze neuzen bovenop. Opvallend is dat op Thomas weinig tot geen licht valt.

Johannes 20, 19-31

Johannes 20, 19-31

Aan Jezus' andere kant, staat een oudere man. Een vergeestelijkt geleerde; fijne trekken en op zijn fraai gebogen neus een klein brilletje. Hij maakt de indruk de leiding te hebben over dit onderzoek. Iets van het licht waar Jezus in staat, schijnt ook op deze man. Het volle licht valt op zijn schedeldak waar het verstand onder zetelt. Terwijl Thomas nog in het donker aan het tasten is, ziet de man in het volle licht.

Dan zien we nog twee figuren op de achtergrond. De een heeft de ogen gesloten en een hand tegen de borst; hij is het horen. De ander houdt zijn ogen open en zijn handen zijn gevouwen; hij is het zien. De een kan het hier en nu nog niet zien en houd zijn ogen gesloten en de hand als van schrik tegen de borst. Terwijl de ander als het ware met open ogen de al hemel ziet, het daar en dan.

Vier personen zijn rondom Jezus geschaard. Alle vieren beelden zij een dimensie uit waarop je Jezus als de Verrezene kunt ontmoeten: horen en zien, tasten en begrijpen. Omdat het horen je tot geloof gebracht heeft. Omdat je door te kijken met je hart een nieuwe dimensie van zien hebt gevonden. Doordat je er over hebt nagedacht en er van overtuigd bent geraakt dat het zo is. Of, omdat je wilt kunnen voelen om tot geloof te komen.

In het Johannesevangelie geeft Thomas zich gewonnen: “Mijn Heer en mijn God”, roept hij uit. En de lerende Jezus zegt daarop: “Zalig zijn zij die niet zien, maar toch geloven”. Die gelovigen mogen wij zien als we durven te horen en te zien, te tasten en te begrijpen.

 

Amen.

Afbeelding: De ongelovige Thomas

        Techniek: Olieverf op doek

Afmetingen: 108,8 bij 136,5 cm

door: Hendrick ter Brugghen (1588–1629)

Datum: ca. 1622

Te bewonderen in het: Rijksmuseum Amsterdam


De ongelovige Tomas. Christus staat temidden van zijn discipelen. Tomas voelt met zijn vinger in de wond in Christus'zij. Rechts kijkt een oude discipel met een bril op zijn neus aandachtig toe, links twee andere leerlingen.

Handelingen der apostelen 5, 12-16

Door de handen van de apostelen gebeurden er vele tekenen en wonderen onder het volk. Eensgezind bevonden zij zich allen in de Zuilengang van Salomo. Geen buitenstaander durfde zich met hen in te laten, maar het volk sprak met grote waardering over hen. Steeds weer sloten zich mensen aan die in de Heer geloofden, grote groepen mannen en vrouwen; zelfs droeg men de zieken de straat op en legde hen daar neer op een bed of een matras, in de hoop dat wanneer Petrus voorbijkwam in ieder geval zijn schaduw op een van hen zou vallen. Ook de bevolking uit de steden rondom Jeruzalem stroomde in groten getale toe; ze brachten zieken mee en mensen die te lijden hadden van onreine geesten, en allen werden genezen.

Johannes 20, 19-31

        Verschijning aan de leerlingen
Op de avond van die eerste dag van de week waren de leerlingen bij elkaar. Hoewel de deur op slot was uit vrees voor de Joden, kwam Jezus. Ineens stond Hij in hun midden en zei: ‘Vrede!’ Na deze groet toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. Vreugde vervulde de leerlingen toen ze de Heer zagen. ‘Vrede’, zei Jezus nogmaals. ‘Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik jullie.’ Na deze woorden ademde Hij over hen. ‘Ontvang de heilige Geest’, zei Hij. ‘Als jullie iemand zijn zonden vergeven, dan zijn ze ook vergeven; als jullie ze niet vergeven, dan blijven ze behouden.’

Jezus en Tomas
Tomas, een van de twaalf, ook Didymus genaamd, was er niet bij toen Jezus kwam. De andere leerlingen vertelden hem: ‘We hebben de Heer gezien.’ Maar hij zei: ‘Ik wil zijn handen zien, met de gaten van de spijkers erin; ik wil ze met mijn vingers voelen. Ik wil met mijn hand de opening in zijn zijde voelen. Anders geloof ik niet.’ Acht dagen later waren de leerlingen weer bijeen, en nu was Tomas erbij. Hoewel de deur op slot was, kwam Jezus. Ineens stond Hij in hun midden en zei: ‘Vrede!’ Vervolgens richtte Hij zich tot Tomas: ‘Kijk maar, hier zijn mijn handen; kom nu maar met je vinger. En kom met je hand om de opening in mijn zijde te voelen. Wees niet langer ongelovig, maar gelovig.’ Hierop zei Tomas: ‘Mijn Heer! Mijn God!’ Jezus zei: ‘Omdat je Me gezien hebt geloof je? Gelukkig zij die zonder gezien te hebben toch tot geloof komen.’

Bedoeling van dit boek
Nog veel andere tekenen heeft Jezus voor de ogen van zijn leerlingen verricht, die niet in dit boek zijn neergeschreven. Die welke u hier vindt, zijn neergeschreven opdat u zult geloven dat Jezus de Messias is, de Zoon van God, en opdat u door te geloven leven zult bezitten in zijn naam.

Archief preken