Kies uw kerk

Preek van de week

2019-07-07. Uitnodiging om mee op reis te gaan

14de zondag door het jaar, C

 

Eerste lezing: Jesaja 66, 10-14c

Evangelie: Lucas 10, 1-12. 17-20

Vorige week hoorden we in de evangelielezing, dat Jezus op weg ging naar Jerusalem. Hij ging naar Jerusalem om zijn zending tot voltooiing te brengen. Jerusalem, beeld van de Stad van Vrede. Vandaag horen we aansluitend hoe Jezus 72 leerlingen uitzendt om zijn boodschap te verkondigen. Het lijkt er op alsof iedereen mee moet optrekken naar Jerusalem. En zeker als je daarbij de eerste lezing hoort, waarin Jesaja Jerusalem schildert als de stad waar gerechtigheid heerst, waar mensen mogen zijn wie ze zijn, dan wordt die indruk nog sterker. Iedereen wordt uitgenodigd om daar heen te gaan, want Jerusalem is het beeld van de wereld waar iedereen op hoopt.

Het is een mooi beeld dat het evangelie schetst namelijk. om het leven van ons mensen te zien als een reis, een reis met een prachtig einddoel. Maar vooral een reis waar je mensen ontmoet, elkaars leven deelt, elkaars idealen en dromen.

De lezingen van vandaag willen ons, zoals zo vaak, uitzicht bieden, perspectief. Het is niet goed om bij de pakken neer te zitten en te denken dat het leven niets meer te bieden heeft. Het is veel beter om op pad te gaan, te gaan zoeken naar nieuwe mogelijkheden.

Ik denk wel eens ooit, dat wij in onze dagen dat uitzicht, dat perspectief juist missen. Het lijkt er wel eens op alsof de enige wet die ons regeert de wet is van de economie en de waarde van de mens is zijn economische waarde. Toeristen zijn welkom, want die brengen geld in het laatje, vluchtelingen worden zo mogelijk aan de grens al teruggestuurd.

Lucas 10, 1-20

Lucas 10, 1-20

Is het niet belangrijker is om mensen op hun echte waarde te taxeren en voor onszelf het visioen overeind te houden, dat het mogelijk moet zijn om iedereen mee te nemen naar dat Jerusalem, die nieuwe hemel en die nieuwe aarde waar de Schrift over spreekt.

Op weg gaan naar Jerusalem, en iedereen uitnodigen om mee te gaan, dat is de boodschap die ons vandaag wordt voorgehouden. Onderweg ontmoet je elkaar, hoor je verhalen. Bijvoorbeeld verhalen over mensen die op weg durven gaan met een langdurig zieke, verhalen over mensen die het aandurven om op weg te gaan met asielzoekers, met een pleegkind, mensen die zich inzetten voor de wijk.

Er zijn veel hoopvolle verhalen te vertellen, gewoon terwijl we onderweg zijn. En misschien is dat ook het goede nieuws is waar Jezus over sprak.

Op weg gaan, niet gepakt en gezakt of belast en beladen, maar vrij, met niets anders op zak dan een blijde boodschap, goed nieuws, en met de stad van vrede als einddoel.

 

Amen.

Harvest in Provence

        Door: Vincent Van Gogh (1853–1890)

Afmetingen: 51x 60 cm

Datum: Juni 1888

Te bewonderen: The Israel Museum, Jeruzalem, Israël

Gift van Yad Hanadiv, Jeruzalem, uit de collectie van Miriam Alexandrine de Rothschild, dochter van de eerste Baron Edmond de Rothschild

Eerste lezing: Jesaja 66,10-14c

        Verheug u over Jeruzalem
Verheug u, samen met Jeruzalem, en juich om haar, u allen die haar liefhebben. Jubel met haar van blijdschap, u allen die om haar treuren. U mag zuigen en u verzadigen aan haar borsten vol van troost, u mag met volle teugen drinken van haar volle moederborst. ‘Want’, zo spreekt de Heer, ‘Ik laat vrede naar haar toestromen als een rivier, en de roem van de volken als een beek die buiten zijn oevers treedt. Haar zuigelingen worden op de heup gedragen en op de knieën vertroeteld. Zoals een moeder haar kind troost, zo zal Ik u troosten: in Jeruzalem zult u getroost worden. Zielsblij zult u het aanschouwen, en uw gebeente zal ontluiken als het groen. De hand van de Heer zal zich openbaren aan zijn dienaren, maar zijn woede zal over zijn vijanden komen.

Evangelie: Lucas 10, 1-12.17-20

        Zending van de tweeënzeventig
Hierna wees de Heer nog tweeënzeventig anderen aan en zond hen twee aan twee voor zich uit naar alle steden en plaatsen waar Hij zelf nog komen zou. Hij zei tegen hen: ‘De oogst is wel groot, maar arbeiders zijn er weinig. Vraag daarom de eigenaar van de oogst om arbeiders in te zetten voor zijn oogst. Ga nu, maar weet wel, Ik stuur jullie als lammeren onder de wolven. Neem geen beurs mee, geen reistas en geen schoenen, en groet onderweg niemand. Als je bij iemand in huis komt, zeg dan eerst: “Vrede aan dit huis.” Woont daar een vredelievend mens, dan zal jullie vrede op hem rusten; zo niet, dan zal die naar jullie terugkeren. Blijf in dat huis en eet en drink wat men je aanbiedt, want de arbeider is zijn loon waard. Trek niet van het ene huis naar het andere. Als je in een stad komt waar men je ontvangt, eet dan wat men je voorzet. Genees er de zieken en zeg tegen hen: “Het koninkrijk van God is nu dichtbij u gekomen.” Maar als je in een stad komt waar men je niet ontvangt, ga daar de straat op en zeg: “Zelfs het stof uit uw stad dat aan onze voeten zit, mag u houden – wij vegen het af. Maar weet wel, het koninkrijk van God is dichtbij.” Ik zeg jullie: voor Sodom zal het op die dag draaglijker zijn dan voor zo’n stad

Terugkeer van de tweeënzeventig; terechtwijzing en dankgebed van Jezus
De tweeënzeventig kwamen opgetogen terug. ‘Heer,’ zeiden ze, ‘zelfs de demonen onderwerpen zich aan ons in uw naam.’ Hij zei tegen hen: ‘Ik zag de satan als een bliksemschicht uit de hemel vallen. Kijk, Ik heb jullie de macht gegeven om op slangen en schorpioenen te trappen en in te gaan tegen alle vijandelijke krachten; niets kan jullie deren. Toch moeten jullie je niet verheugen omdat de geesten zich aan jullie onderwerpen; nee, verheug je omdat jullie namen staan opgetekend in de hemel.’

Archief preken