Kies uw kerk

Preek van de week

2015-12-06. De kwetsbare mens

Preek 2de zondag van de advent, C

 

Eerste lezing: Baruch 5,1-9

Evangelie: Lucas 3,1-6

 

We zijn weer in de advent, de tijd van uitzien naar de komst van de Heer. Vandaag op de tweede zondag hebben we de ster geplaatst bij de kerststal. Licht dat ons richting wijst. En misschien is het goed om ons af te vragen: wie verwachten wij eigenlijk met Kerstmis? Hoe stellen wij ons de komst van Christus voor, in wiens persoon God in onze geschiedenis binnentreedt? Is Hij het licht dat ons richting gaat wijzen in onze chaotische wereld?

In de evangelielezingen van de vorige zondagen hebben we gehoord hoe de Mensenzoon verschijnt op het einde der tijden. Dat gebeurt dan met de sterren die van de hemel vallen, zon en maan die verduisteren enz. Dat waren natuurlijk vreemde beelden, maar toch denk ik dat we ons zo God nog wel voor kunnen stellen: een komst met veel spektakel, door niets te stuiten. God die het recht ter hand neemt in Syrië, Nigeria, Soedan, God die opkomt voor vluchtelingen en ontheemden aan wie niemand kan weerstaan, vol majesteit. Ja zoiets stellen wij ons voor wanneer wij spreken over de komst van God. Ook in de eerste lezing horen we hoe God vol majesteit komt en Jerusalem opbouwt tot stad van vrede.

Maar op deze tweede zondag van de advent wordt ons ook een ander beeld van God voorgehouden; een God die niet de geschiedenis omvergooit, maar die er binnen treedt als mens, als een van ons, even kwetsbaar als wie ook, evenzeer afhankelijk van de welwillendheid van anderen en niet beter beveiligd tegen de kwaadaardigheid die de wereld soms regeert.

Met zo'n kwetsbare God hebben we moeite. Dat gaat zo helemaal in tegen onze voorstelling van wat God moet zijn. Hoe zou je hem kunnen herkennen in een kind te Bethlehem? In dat dode kind op het strand in Griekenland?

Johannes de doper moet daarom baanbrekend werk doen. God zet de geschiedenis niet naar zijn hand, maar hij treedt er binnen, hij doet mee. En als je Hem wilt vinden dan zal je met name één ding moeten doen: jezelf bekeren, een nieuwe mens moeten worden. Want anders herken je Hem niet. Je zult nieuwe ogen en nieuwe oren moeten krijgen. Je zult anders moeten kijken naar je medemens.

'Baant een weg voor de Heer'. Ja, er is nogal wat, ook in onze dagen, dat we opzij moeten zetten, wil iemand als deze kwetsbare God zijn gang kunnen gaan. Er zijn nogal wat hindernissen die we weg zullen moeten nemen wil dat kind van Bethlehem een eerlijk kans krijgen.

We weten hoe het toen gegaan is. Toen in de tijd, toen heeft een mensenkind het geprobeerd. Maar er was geen plaats voor hem in de wereld van die dagen. Slechts een enkeling wist hem te vinden. Want er vielen geen sterren van de hemel, de zon en de maan kwamen op en gingen onder zoals altijd; alles ging gewoon zijn gang.

Toch is zijn stem blijven doorklinken, zijn oproep tot gerechtigheid. Soms hebben mensen zijn stem gehoord, hebben zich omgekeerd van hun weg en kwamen God op het spoor, een ster aan de hemel. Zij hebben Hem herkend in de kwetsbare mens die hun naaste is.

Over enkele weken is het kerstmis. God laat opnieuw zijn stem klinken in de geschiedenis; niet om een oordeel te vellen, maar om vrede te brengen. Ik zou er voor willen pleiten om Hem een kans te geven, zodat Hij God met ons kan zijn.

En dat dode kind op het strand… of dat huilend kind op de schouders van zijn vader aan de grens van… In sommige kerken staat al een kerststal, maar de kribbe is nog leeg. Laten we die kinderen daar een plaats geven. En ik weet zeker dat de engelen zullen juichen: Eer aan God in den hoge en vrede op aarde aan al die mensenkinderen in wie Hij welbehagen heeft.

 

Amen

Johannes de Doper in de wildernis

Schilder: Geertgen tot Sint Jans ca. 1460 – ca. 1490

olieverf op paneel (42 × 28 cm) — ca. 1490

Te bezichtigen in: Gemäldegalerie der Staatlichen Museen, Berlijn

Ook wel bekend als De heilige Johannes mediterend. Dit is een van de markantste werken van Geertgen. De drapering van het kleed van de Doper lijkt naadloos aan te sluiten op de curves in het landschap.

Het lammetje met de stralenkrans is het Lam Gods, traditioneel attribuut van Johannes en verbeelding van Jezus. Johannes is gekleed in een habijt van kamelenhaar.

Het idyllische landschap is wellicht Geertgens uibeelding van het Jordaandal, de streek waarin Johannes optrad als profeet en bekeerlingen doopte.
Een bijzonder detail vormen de voeten van Johannes. Mogelijk gaat het slechts om een levendige weergave van iemand die diep in gedachten is, maar er is ook geopperd dat de voeten op deze manier (enigszins over elkaar gekruist) verwijzen naar de kruisiging van Jezus of het Laatste oordeel.

Lucas 03, 01-06

Lucas 03, 01-06

Baruch 5,1-9

Jeruzalem, leg uw kleed af van ellende en rouw; kleed u met Gods stralende schoonheid, voor altijd. Sla de mantel van Gods gerechtigheid om, zet de roemrijke kroon van de Eeuwige op uw hoofd. Want God wil dat uw verhevenheid overal onder de hemel schittert. Voor altijd noemt God u: Vrede-door-gerechtigheid, Heil-door-godsvrucht. Jeruzalem, kijk vanaf de berg naar het oosten en zie uw kinderen van alle kanten samenkomen op het woord van de heilige God, blij dat Hij weer aan hen denkt. Te voet gingen zij van u weg, weggesleept door de vijand maar eervol brengt God hen terug, als op een koningstroon gedragen. Hij heeft het bevel gegeven om alle bergen en heuvels met de grond gelijk te maken en de dalen te vullen, zodat het hele land vlak wordt en Israël zegevierend en veilig kan optrekken. Ook de bossen en alle geurige bomen geven Israël schaduw, op zijn bevel. Hijzelf vergezelt, barmhartig en genadig, het jubelend Israël met de glans van zijn licht.’

Lucas 3,1-6

Optreden van Johannes
In het vijftiende regeringsjaar van keizer Tiberius, toen Pontius Pilatus gouverneur was van Judea, Herodes tetrarch van Galilea, zijn broer Filippus tetrarch van de landstreek Iturea en Trachonitis, Lysanias tetrarch van Abilene, en Annas en Kajafas hogepriester, toen kwam het woord van God tot Johannes, de zoon van Zacharias, in de woestijn. En hij ging overal in de Jordaanstreek een doop van bekering verkondigen tot vergeving van zonden, zoals geschreven staat in het boek van de woorden van de profeet Jesaja: Een stem roept in de woestijn: Bereid de weg van de Heer, maak zijn paden recht; elk dal zal worden opgevuld, elke berg en heuvel geslecht; bochtige wegen worden recht, oneffen paden vlak; en alle mensen zullen de redding zien die van God komt.

Archief preken