Kies uw kerk

Preek van de week

Preek van de week voor de zesentwintigste zondag door het jaar 29 en 30 september 2018

Preek van de week voor de zesentwintigste zondag door het jaar 29/30 september 2018
Toen Johannes Jezus vertelde dat iemand een duivel had uitgedreven in zijn naam,
zonder leerling van Hem te zijn, zei Jezus:'Hou hem niet tegen.
Wie niet tegen ons is, is vóór ons'.       
( naar Marcus 9,38-40)

Overweging bij dit zondags evangelie
Soms vraag Ik me af of het niet beter zou zijn dat Ik Jezus opnieuw zou zenden - zegt God -
zodat je Hem kunt zien met je eigen ogen.
Maar dan bedenk Ik dat er toch genoeg mensen zijn die in hun leven iets van mijn droom zichtbaar maken
en mijn vriendschap voor mensen laten voelen en ervaren.
Het zijn mensen die aan Mij een plaats hebben gegeven in hun leven en die voor Mij willen openstaan.
Misschien kan je in hun ogen mijn licht zien weerkaatsen, ook al is het maar soms en heel even.
( uit: Een vuurwerk van tederheid; Erwin Roosen)

****************************************************************************************

Oog, hand, voet, gebruik ze goed
Het was allemaal zo mooi begonnen, Johannes wil iets vertellen, over dat ze voor het eerst zonder Jezus op stap waren geweest.
Jezus had tegen ze gezegd:'Nu probeer zelf maar eens om God te verkondigen en onreine geesten te bezweren'.
Nou en dat was dus helemaal misgegaan, er ontstond een opstootje en Jezus had tussenbeide moeten komen.
Een vader had zich erover beklaagd dat de leerlingen zijn zoon, die bezeten was van een boze geest, niet hadden kunnen helpen.
Dus een beetje foeterend knapte Jezus het zelf maar op.
Maar Johannes wilde over deze solo-toer van de leerlingen nog iets anders vertellen, ze hadden nl. anderen aan de gang gezien
in Jezus' naam en met kwade geesten...en die hadden wel succes gehad! Dat steekt!
Zij waren ervoor gewijd, zij waren door Jezus persoonlijk uitgezonden, en deze onbekenden stelen de show.
Het wordt steeds duidelijker waarom de leerlingen tenslotte gefrustreerd en boos thuiskwamen.
Jezus zegt iets dat Marcus heel belangrijk heeft gevonden voor ons lezers, niet enkel diegene die door Jezus zijn uitgezonden
kunnen in zijn naam het kwaad bestrijden, maar ook diegene die zich op Jezus beroepen.
Hij bedoelt daarmee dat al wie iets in Zijn naam doet of zich op Hem beroept, zich niet tegen Hem zal keren.
Dat is in de meeste gevallen ongetwijfeld zo, men zal zich niet tegen Hem keren,
maar soms doen en zeggen mensen dingen die helemaal niet evangelisch zijn en beroepen ze zich toch op de naam Jezus, of God.
In Zijn naam werden kruistochten georganiseerd,en menige 'heilige' oorlog gevoerd ( en nog), worden aanslagen gepleegd en mensen onderdrukt door machtsstrijders.
Maar het kan ook anders, mensen die zichzelf gelovig noemen maar het toch opnemen voor bijv. gescheiden mensen, anders gelovigen, die geen problemen hebben met holebi's, zich inzetten voor zwervers en vluchtelingen.
Maar evenzeer ook mensen die zichzelf gelovig noemen, maar die ik niet vaak in een viering zie,
maar zich wel in Zijn naam inzetten voor de medemensen aan de rand van onze samenleving.
Ook mensen buiten 'onze 'kring doen goede dingen, niet christelijke medemensen zijn soms consequenter in het doen van het goede dan wij. Die inzet is een niet mis te verstaan gebed, over hen zegt Jezus: 'Wie goed doet in Mijn naam, doet goed, laat die mensen verder doen'.
En dat is goed nieuws, het is een oproep tot ruimdenkendheid.
Het is natuurlijk ook goed dat er mensen zijn die kerk-vormen, zij zijn onmisbaar om het evangelie in woord en daad door te geven aan de volgende generaties,
als zij maar niet neerkijken op mensen die hun geloof anders en vrijer beleven, en die dan maar de naam randkerkelijken geven.
Eigenlijk roept Jezus mij op om al mijn energie te steken in mens voor de mens te zijn.
Als ik het evangelie van deze keer lees, weet ik, dat Jezus inderdaad uitersten in zich draagt.
Van een kleine goede zaak kon Hij iets groots maken, al geef ik iemand maar een beker koud water, omdat hij van Christus is, dan zal ik mijn loon daarvoor krijgen.
Maar aan de andere kant heeft Hij het ook over een molensteen om je hals als je iemand aanzet tot zonden te doen, en Hij heeft het over het afhakken van handen en voeten.
Jezus bedoelt hiermee dat alles wat mij belet om echt christen te zijn, dan maar moet verwijderd worden,
maar ik denk niet dat Jezus verwacht dat ik nu overga tot een letterlijke amputatie, want er zou wel eens weinig kunnen overschieten, maar wel van een denkbeeldige amputatie.
Alle gedachten en handelingen die mij beletten christen te zijn, moet ik zoveel mogelijk bannen.
Je kunt beter met één oog het Rijk van God binnengaan dan met twee de dood in!, met eenvoudiger woorden: Je kunt beter met één been gelukkig zijn dan met twee ongelukkig!
Er moet in mijn hart weinig of geen plaats zijn voor wraak, haat , jaloezie, ... ik moet me laten volstromen met liefde voor de ander. Waarom? Omdat God zelf mij liefheeft zoals ik ben en Hij mij oproept om beeld te zijn van die liefde.
Christenen hebben zovele redenen om het goede te doen, waarom doen ze het dan niet? Marcus begrijpt dat niet, hij stelt daarmee bijna letterlijk de vraag: Heilig zijn zonder God? Moet je in God geloven om je medemens in nood te helpen? Natuurlijk niet, daarmee stelt Marcus mij de vraag: Wie doet op aarde de wonderen?
De ongelovige éénoog of de gelovige die twee ogen heeft? Een uitdagende vraag.
Het is mooier om kreupel naar het licht te gaan, dan springend de duisternis tegemoet!
( preken.be + embe)

**********************************************************************************************************************************************************

Gebed

Goede God,
Wij danken U voor mensen die zoals Jezus durven te zeggen wat er gezegd moet worden,
en die durven te doen wat er gedaan moet worden.
God, laat er veel van zulke mensen zijn.
Help hen altijd moedig te zijn, wat er ook gebeurt.

Laten we steeds op weg gaan, om te doen wat Hij heeft voorgedaan.
Ook nu gaan we op weg.
Goede moed, lieve mensen!
Goede moed om, zoals Hij een vriend te zijn, voor iedereen die zijn leven met Hem wil delen.
( J.Verhees)

Archief preken