OVERWEGING 12E ZONDAG DOOR HET JAAR
De lezingen van vandaag brengen ons bij een ervaring die alle mensen kennen: angst. Angst voor wat ons kan overkomen. Angst om afgewezen te worden. Angst om ongeneeslijk ziek te worden. Angst voor wat de toekomst brengt. Eindeloos veel uitingen van angst: we kennen ze allemaal, de éne al wat beter dan de andere. En ieder van ons heeft wel eens zo’n zwak moment.
Dat heeft ook Jeremia in de eerste lezing. ‘Ik hoor velen fluisteren: Daar heb je ‘Ontzetting overal,’ zegt hij. Hij geeft eerlijk toe dat hij verre van sterk is. Hij verbergt zijn gevoelens niet. En hij is er duidelijk niet gerust in. “Geef hem aan, laten we hem aangeven,” zeggen velen. Zelfs vrienden houden hem in de gaten. Want allen nemen ze het hem kwalijk dat hij Gods woord heeft verkondigd. Toch eindigt zijn klacht niet in wanhoop, want hij weet: ‘De Heer staat mij terzijde als een machtige held.’ Dus blijft hij trouw aan zijn roeping, want hij weet dat God hem zal beschermen. Meer zelfs: hij bidt dat God zich op zijn vijanden zou wreken.
Dat doet Jezus in het evangelie helemaal niet. Ook Hij heeft het over de angst die mensen kan beklemmen. Niet minder dan drie keer brengt hij daartegen in: ‘Wees niet bang.’ Hij weet dat zijn leerlingen in de toekomst met allerlei moeilijkheden geconfronteerd zullen worden. Dat ze op weerstand zullen botsen wanneer ze zijn boodschap uitdragen. Maar Hij wil niet dat angst hun leven bepaalt. Daarom zegt Hij: ‘Zelfs de haren op uw hoofd zijn allemaal geteld.’ Dat is een prachtig beeld, dat duidelijk maakt dat God zich niet alleen bezighoudt met grote wereldproblemen, maar met heel zijn schepping. Zelfs een klein detail van ons leven ontgaat Hem niet. Wij zijn immers geen nummers voor Hem. Nee, we zijn allen gekend, bemind en gedragen.
Dat is een belangrijke boodschap. Wij leven niet in dezelfde omstandigheden als Jeremia of Jezus’ leerlingen, maar ook wij kennen druk en onzekerheid. Soms vinden we het moeilijk om uit te komen voor ons geloof. Soms zwijgen we liever dan dat we een christelijke overtuiging uitspreken. Soms laten we ons leiden door wat populair is, door de mening van de meerderheid, door de angst om anders te zijn. Ja, er is heel veel in de wereld dat ons afremt in ons christen zijn.
Maar zowel in de eerste lezing als in het evangelie wordt de vraag gesteld wie of wat uiteindelijk de richting van ons leven bepaalt. Is het de angst of het vertrouwen? Is het de stem van de menigte of de stem van God? Jeremia zegt dat God altijd bij hem is, en dat zijn achtervolgers hem niet zullen overwinnen. En in het evangelie zegt Jezus: ‘Iedereen die Mij bij de mensen erkent, zal ook Ik erkennen bij mijn Vader in de hemel.’ Dat betekent niet dat Hij ons bij ons overlijden staat op te wachten in de hemel, maar dat Hij ons zal sterken om zijn weg van liefde en vrede te gaan. Dan zal Hij zien wanneer wij eerlijk blijven waar bedrog gemakkelijker lijkt. En wanneer wij vergeven waar anderen wraak zoeken. Wanneer wij opkomen voor wie zwak staat. Wanneer wij tijd maken voor gebed, voor de eucharistie, voor dienstbaarheid. Dan laten we zien wanneer we Hem willen volgen.
En dat vraagt soms moed. Christen zijn is niet altijd de makkelijkste weg. Maar we staan er, net zoals Jeremia en de leerlingen, niet alleen voor. God kent onze zorgen, onze kwetsbaarheid en onze inzet. En laten we eerlijk zijn: soms ook onze twijfel. Want leven naar Jezus’ woorden en daden van liefde en vrede betekent niet dat er geen enkele reden meer is om bang te zijn of te twijfelen. Maar ons geloof en onze inzet houden in dat God, dat Jezus groter is dan die angst, die twijfel, die onzekerheid. Zij gaan met ons mee, ook wanneer we dat niet zien. Zij houden ons vast wanneer we dreigen los te laten of te vallen.
Laten wij de woorden van Jezus meenemen in ons leven: ‘Wees niet bang’, herhaalt Hij drie keer. Dat houdt niet in dat alles altijd vanzelf goed zal gaan, maar wel dat God ons kent, en dat we kostbaar zijn in zijn ogen. Zozeer dat ieder haar van ons hoofd geteld is. Want zo diepgaand heeft Hij ons lief.
12e zondag door het jaar A - 2026 - Preken Online bewerkt TS
TWAALFDE ZONDAG DOOR HET JAAR
EERSTE LEZING Jer, 20, 10-13
Uit de Profeet Jeremia
Jeremia sprak "lk hoor velen fluisteren: Daar heb je 'Ontzetting-overal'. Breng hem aan. Ja, we brengen hem aan. Al mijn vrienden willen niets liever dan mij ten val brengen. Ze zeggen: "Misschien laat hij zich misleiden; dan overmeesteren we hem en kunnen we ons op hem wreken." De Heer is bij mij als een machtig strijder. Mijn achtervolgers vallen neer, ze zullen niet overwinnen. Ze worden diep beschaamd, nooit bereiken ze iets. Hun schande duurt eeuwig, ze wordt nooit vergeten! "Heer van de hemelse machten, die alles rechtvaardig onderzoekt, die hart en nieren doorgrondt, laat mij zien hoe Gij U op hen wreekt. lk heb immers mijn zaak in uw handen gelegd. Zingt een lied, een loflied voor de Heer, want Hij heeft het leven van de arme uit de macht van de boosdoeners gered."
TUSSENZANG Ps. 69 (68), 8-10, 14 en 17, 33-35
REFREIN: Heer, verhoor mij omdat Gij barmhartig zijt.
Om U heb ik iedere smaad verdragen, al steeg mij het schaamrood naar het gelaat.
Een vreemdeling werd ik voor mijn verwanten, mijn eigen broers kennen mij niet meer.
De zorg voor uw huis heeft mij uitgeteerd, op mij kwam de hoon neer van hen die U honen.
Maar mijn gebed, Heer, richt ik tot U, nu is het de tijd van genade.
Verhoor mij omdat Gij barmhartig zijt en trouw in het hulp verlenen.
Verhoor mij, Heer, want mild is uw zegen, sta mij met heel uw barmhartigheid bij.
Ziet toe, geringer, en weest verheugd, schept moed, gij allen die God zoekt.
God luistert naar wat een arme Hem vraagt, vergeet zijn gevangenen niet.
Laat hemel en aarde Hem prijzen, de zee met al wat daar leeft.
TWEEDE LEZING Rom.,5, 12-15
Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome
Broeders en zusters, Door een mens is de zonde in de wereld gekomen en met de zonde de dood; en zo is de dood over alle mensen gekomen, aangezien allen gezondigd hebben. Er was immers reeds zonde in de wereld, voor de wet er was. Maar zonde wordt niet aangerekend, waar geen wet is. Toch heeft de dood als koning geheerst in de tijd van Adam tot Mozes, dus ook over hen die zich niet op de wijze van Adam schuldig hadden gemaakt aan de overtreding van een gebod. Adam nu is het beeld van Hem die komen moest. Maar de genade van God laat zich niet afmeten naar de misstap van Adam. De fout van een mens bracht allen de dood, maar God schonk allen rijke vergoeding door de grote gave van zijn genade: de ene mens Jezus Christus.
ALLELUIA Cf. Hand 16, 14b
Alleluia. Maak ons hart ontvankelijk, Heer, opdat wij de woorden van uw Zoon zouden begrijpen. Alleluia.
EVANGELIE Mt., 10, 26-33
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteus
In die tijd zei Jezus tot zijn apostelen: "Weest niet bang voor de mensen. Niets is bedekt of het zal onthuld, niets verborgen of het zal bekend worden. Wat Ik u zeg in het duister, spreekt dat uit in het licht, en wat ge u in het oor hoort fluisteren, verkondigt dat van de daken. Weest niet bevreesd voor hen die wel het lichaam kunnen doden maar niet de ziel; vreest veeleer Hem die en ziel en lichaam in het verderf kan storten in de hel. Verkoopt men niet twee mussen voor een stuiver? En toch zal buiten de wil van uw Vader niet een mus op de grond vallen. Bij u echter is zelfs ieder haar van uw hoofd geteld. Weest dus niet bevreesd; gij zijt toch meer waard dan een zwerm mussen. leder die Mij bij de mensen belijdt, zal ook Ik als de mijne erkennen bij mijn Vader die in de hemel is. Maar ieder die Mij zal verloochenen tegenover de mensen, zal ook Ik verloochenen tegenover mijn Vader die in de hemel is.
VIERING 27 JUNI OM 13.30 UUR IN DE SINT JAN IN DEN BOSCH.
Katholieke Jongerendag zaterdag 7 november 2026: samen op weg naar eenheid
Bedevaart naar Kevelaer (Duitsland) - donderdag 20 augustus 2026
Familiepastoraat
Jubileumjaar 800e verjaardag overlijden Sint-Franciscus van Assisi