Kies uw kerk

Preek van de week

Bezinning door het jaar - Pinksteren - 23 en 24 mei 2026 + H. Maria, Moeder van de Kerk - 25 mei 2026

PINKSTEREN

Met Pinksteren viert de Kerk de uitstorting van de Heilige Geest over de apostelen. De avond voor zijn lijden en dood beloofde Jezus zijn apostelen dat Hij hen de Geest zou zenden. De Geest is God zelf die in gelovigen woont en werkt en hen voor altijd met God verbindt. Dit goddelijke geschenk markeert de geboorte van de Kerk. De apostel Petrus treedt na de neerdaling van de Geest als eerste naar voren om zich te richten tot de joodse bewoners van Jeruzalem.


Hoe belangrijk is de Kerk?

Als Jezus tegen Petrus zegt: “Op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen, en de poorten der hel zullen haar niet overweldigen”, dat geeft Hij daarmee het belang van de Kerk aan als een geestelijk Huis van God. Als Jezus tegen Petrus zegt: “Hoed mijn lammeren, weid mijn schapen”, Dat drukt Jezus het belang uit van de Kerk als een grote gemeenschap, zijn kudde.

Maar vooraf aan de vraag hoe belangrijk de Kerk is, moet misschien eerst de vraag klinken: “Wat is de Kerk?” De manier waarop de wereld naar de Kerk kijkt, wordt bepaald door de ideeën en gebruiken in de tijd.

Maar hoe ziet de Kerk zichzelf en hoe zien wij de Kerk? Wanneer je niet oppast, wordt ook onze manier van kijken door de tijdgeest bepaald, dan verliezen wij de blik van Jezus en hoe de apostelen de Kerk zagen.

Vandaag is het Pinksteren. Het Pinksterfeest wordt wel de geboorte van de Kerk genoemd. Aan die geboorte van de Kerk gaan Jezus’ leven, zijn kruisdood en zijn verrijzenis vooraf. Jezus heeft een Nieuw verbond gesloten en zo een nieuw Verbondsvolk geschapen. Daarom kan Paulus spreken over de Kerk als mystiek Lichaam van Christus en als Gods eigen Volk.

Dit klinkt misschien wat Theologisch, maar het gaat over u en mij, over al die gedoopten wereldwijd, in die lange keten vanaf Jezus tot nu. Daarin klinkt het antwoord op de vraag “Wat is de Kerk?” De Kerk is het mystieke lichaam van Christus, de grote kudde waarvan Christus de Herder is, Gods nieuwe verbondsvolk.

Nu terug naar die eerste vraag. Hoe belangrijk is de Kerk? Ook dan gaat het erom vanuit wie we die vraag bekijken. Vindt de wereld de Kerk belangrijk, vinden wij de Kerk belangrijk of vindt God de Kerk belangrijk?

Zozeer heeft God de wereld liefgehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven. En zozeer heeft God de wereld lief dat Jezus de Kerk in de wereld plant en zijn leerlingen de wereld inzendt als lammeren tussen de wolven. God wil de wereld redden, daartoe sluit Jezus een Nieuw Verbond. Daartoe sticht Jezus zijn Kerk als nieuw Verbondsvolk en daartoe schenkt Jezus aan de Kerk de heilige Geest. Of de wereld de Kerk belangrijk vindt, of wij de Kerk belangrijk vinden, is niet van belang. God vindt de Kerk belangrijk, omdat zij het instrument is waarmee Hij zijn reddingsplan voortzet.

De Kerk is verwekt door Christus. Haar zwangerschap heeft drie jaar geduurd. Door de verzoening die Jezus heeft bewerkt, de verzoening van God met de mens, is de Kerk gezuiverd en is zij het Volk Gods van de voltooiing. Gods reddingsplan, om deze wereld te redden, is eerst concreet geworden in Jezus. In de Kerk zet God zijn reddingsplan voort in de tijd. Met Pinksteren spreken wij over de geboorte. De Kerk treedt tevoorschijn uit de moederschoot van Israël zoals Jezus tevoorschijn trad uit de schoot van Maria. Zoals Jezus werd geboren uit de kracht van de heilige Geest, zo wordt ook de Kerk op Pinksteren geboren als de heilige Geest over de jonge Kerk wordt uitgestort.

Profeten hadden het voorzegd. God zal zijn Geest uitstorten. Babel, waar de spraakverwarring en verdeeldheid begon, omdat mensen zelf de hemel wilden bereiken, wordt overwonnen. Er is een nieuwe eenheid en het geloof schept een nieuwe taal. De geboorte van de Kerk was van tevoren aangekondigd, net als de geboorte van Christus. We kunnen het lezen bij de profeten.

Pinksteren gaat over u en mij, over de Kerk wereldwijd en over de Kerk hier in het klein. Wij vieren Pinksteren, wij geloven dat de heilige Geest nog altijd aan het werk is. Hij wil verder met Gods reddingswerk, met u en mij, in het groot en in het klein, thuis in de gezinnen en op het werk, in uw privékamer, in de media en in de politiek. Hij wil dat wij daar aanwezig zijn waar het nodig is om vanuit zijn vuur het Goede Nieuws en Gods Wijsheid te brengen in een wereld die zichzelf niet kan redden.

Daarom vieren wij Pinksteren en zeggen: Kom heilige Geest, vernieuw ons hart, vuur ons aan, geef ons moed en wijsheid, kracht en vindingrijkheid, sterk ons geloof en onze liefde, houdt ons staande in de hoop, open onze ogen dat wij de kansen zien, breng ons samen en herstel de eenheid, maak uw Kerk weer tot instrument van redding, waarin wijzelf gered worden en uw redding bieden aan deze wereld.

https://hagenpreken.nl/Preken/... bewerkt TS





HEILIGE MARIA, MOEDER VAN DE KERK

De instelling van deze gedachtenis geschiedde door middel van een decreet van paus Franciscus, gedateerd op 11 februari 2018, de 160e verjaardag van de eerste verschijning van Onze Lieve Vrouw van Lourdes. De allereerste keer dat de gedachtenis werd gehouden was op maandag 21 mei 2018. De reden dat is gekozen voor de maandag na Pinksteren is omdat Pinksteren wordt beschouwd als de geboortedag van de Kerk. Maria werd moeder van de Zoon door de Heilige Geest. Die Geest werd op het eerste joodse pinksterfeest na de Verrijzenis vaardig over de volgelingen van de ten hemel opgevaren Zoon.

Gisteren hebben we met de komst van de Heilige Geest ook de geboorte van de Kerk gevierd. Vandaag vieren we Maria als moeder van de Kerk.

Wanneer op Pinksteren de geboorte van de Kerk wordt gevierd dan is het niet vreemd om de dag daarop meteen Maria te gedenken als moeder van de Kerk. Als moeder van de Christus is zij op een bijzondere manier verbonden met de geboorte van de Kerk. Niet zoals een oma met haar kleinkind, we zijn geen kleinkinderen van Maria; Maria baart op een nieuwe manier het Lichaam van Christus, de Kerk. Eerst was zij vervuld van de Heilige Geest en kwam de kracht van de Heilige Geest over haar om Gods Zoon aan de mensheid te geven. Zij stond onder het kruis toen Jezus zijn leerling aan haar gaf als nieuwe zoon en haar aan zijn leerling gaf als moeder. Zij was aanwezig op het eerste Pinksterfeest. Met de apostelen en de vrouwen heeft zij in de bovenzaal gebeden om de Heilige Geest. Zij allen bleven eensgezind volharden in gebed samen met de vrouwen, met Maria, de moeder van Jezus, en met zijn broeders.(Handelingen 1,14). Zij wordt daar apart genoemd als de moeder van Jezus. Zij maakt deel uit van de eerste kerkgemeenschap en tegelijk is zij de directe lijn naar haar Zoon die in de hemel is opgenomen.

Maria is niet alleen moeder voor ieder van ons afzonderlijk, zij is ook moeder van de Kerk. Dat betekent dat zij ons niet alleen individueel wil helpen om gelovig te leven, maar dat zij ons ook helpt om Kerk te zijn. Het lijkt mij niet toevallig dat in deze tijd van individualisme, waardoor gelovigen geneigd zijn te kijken naar de eigen relatie met God, we Maria mogen vragen ons te helpen om zorg te hebben voor de geloofsgemeenschap, te kijken naar onze plaats daarin, naar onze roeping en onze taak in de Kerk. De Kerk is groter dan wij. We zijn alleen Kerk wanneer we samen het geloof delen en werkelijk verbonden leven met Christus. De Kerk was er voordat wij werden geboren, de Kerk gaat door ook als wij al lang zijn overleden. Wij zijn individueel kleine schakels in Gods plan. Als persoon mogen wij groeien in de Verbondenheid met God en de naaste door onze dienst aan God en aan de medemens. Zoals ons individueel geloofsleven belangrijk is in de kleine kring om ons heen, thuis, in het werk, in de parochie, zo heeft de Kerk een hoogst belangrijk rol in de wereld, in de landelijke samenleving en mondiaal. Ons individueel leven is kort, de Kerk doet haar werk al vanaf het eerste Pinksterfeest en zij zal dit blijven doen tot het einde van de wereld. De Kerk overstijgt ook landen en organisaties, landen veranderen, politieke systemen en ideologieën komen en gaan, de Kerk blijft, zij is de permanente basis voor onze verbondenheid met Christus, met God, met de naaste, met de natuur en als borg van ons werkelijke menszijn naar Gods bedoeling.

Wanneer wij dus nadenken over ons Kerk zijn, dan herinnert het feest van vandaag ons eraan dat we niet moeten vergeten Maria de vragen om haar moederlijke bijstand. Zij is als moeder van de Kerk ook leermeesteres hoe wij samen Kerk kunnen zijn, hoe wij in de Kerk kunnen uitstijgen boven ons individueel belang, hoe wij samen als Kerk van groter belang kunnen zijn voor de samenleving, hoe wij door onze inzet voor de Kerk ook praktisch van belang zijn voor de volgende generatie, zodat kinderen, klein- en achterkleinkinderen en alle volgende generaties binnen de Kerk hun weg kunnen gaan en door de Kerk de rijkdom van het geloof mogen vinden, met Maria als moeder voor ieder afzonderlijk en voor de Kerk als geheel.

God is werkzaam in de wereld. De wereld ontwikkelt zich verder. Toch ontwikkelt de wereld zich niet in een rechte lijn naar een hoger niveau. Techniek is slechts een hulpmiddel. Wetenschap is slechts een instrument. Het gaat om de mensen die deze middelen hanteren, hoe zij denken, wat voor ethische waarden zij hanteren, wat voor doelen hen voor ogen staan, hoe zij omgaan met de naaste. Mensenrechten zijn een groot goed. Tegelijk zijn ze kwetsbaar voor manipulatie wanneer ze niet gefundeerd zijn in een diepere visie over hoe wij mens moeten zijn.

Zo mogen we Maria als Moeder van de Kerk ook vragen de Kerk te helpen in haar rol in deze samenleving op mondiaal vlak, als geweten voor politieke systemen, als opvoedster van de volgende generaties, als waakster over de houdingen van politici en en militairen. Dat zij niet als in een moeilijk kind in het gezin anderen buiten spel zetten en domineren. Dat ook landen hun rol in de wereldgemeenschap op een ethisch verantwoorde manier vervullen. Het feest van vandaag mag ons de rol van Maria als Moeder van de Kerk meer verduidelijken, maar vooral ons als haar kinderen meer verenigen in het Lichaam van Christus, de Kerk. 

https://hagenpreken.nl/Preken/... bewerkt TS

PINKSTEREN

EERSTE LEZING          Hand.2,1-11

Toen de dag van Pinksteren aanbrak, waren allen bijeen op dezelfde plaats. Plotseling kwam uit de hemel een gedruis alsof er een hevige wind opstak en heel het huis waar zij gezeten waren, was er vol van. Er verscheen hun iets dat op vuur geleek en dat zich, in tongen verdeeld, op ieder van hen neerzette. Zij werden allen vervuld van de heilige Geest en begonnen in vreemde talen te spreken, naargelang de Geest hun te vertolken gaf. Nu woonden er in Jeruzalem Joden, vrome man­nen, die afkomstig waren uit alle volkeren onder de hemel. Toen dat geluid ontstond, liep het volk te hoop en tot zijn verbazing hoorde iedereen hen spreken in zijn eigen taal. Zij waren buiten zichzelf en zeiden vol verwondering: "Maar zijn al die daar spreken dan geen Galileeërs? Hoe komt het dan dat ieder van ons hen hoort spreken in

zijn eigen moedertaal? Parten, Meden en Elamieten, bewoners van Mesopotamië, van Judea en Kappadocië, van Pontus en Asia, van Frygië en Pamfylië, Egypte en het gebied van Libië bij Cyrene, de Romeinen die hier verblijven, Joden zowel als proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken van Gods grote daden."



TUSSENZANG  Psalm 104

REFREIN: Zend Gij uw Geest dan komt er weer leven, dan maakt Gij uw schepping weer nieuw.

Of: Alleluia.

Verheerlijk, mijn ziel, de Heer, wat zijt Gij groot, Heer mijn God !

Hoeveel is het, wat Gij gedaan hebt, Heer, en alles in wijsheid gemaakt,

de aarde is vol van uw schepsels.

Neemt Gij hun geest weg, dan komen zij om, en keren terug tot de aarde.

Maar zendt Gij uw geest, dan komt er weer leven, dan maakt Gij uw schepping weer nieuw.

De roem van de Heer blijve eeuwig bestaan, Hij vinde zijn vreugde in al zijn schepsels;

Mogen mijn woorden Hem aangenaam zijn, dan zal ik mij in de Heer verheugen.

TWEEDE LEZING         1 Kor.12,3b-7.12-13

Broeders en zusters, Niemand die zegt: "Jezus is vervloekt," staat onder invloed van de Geest van God; en niemand kan zeggen: "Jezus is de Heer," tenzij door de heilige Geest. Er zijn verschillende gaven, maar slechts een Geest. Er zijn vele vormen van dienstverlening, maar slechts een Heer. Er zijn allerlei soorten werk, maar er is slechts een God, die alles in allen tot stand brengt. Maar aan ieder van ons wordt de openba­ring van de Geest meegedeeld tot welzijn van allen. Het menselijke lichaam vormt met zijn vele ledematen een geheel; alle ledematen, hoe vele ook, maken tezamen een lichaam uit. Zo is het ook met de Christus. Wij allen, Joden en heidenen, slaven en vrijen, zijn immers in de kracht van een en dezelfde Geest door de doop een enkel lichaam geworden en allen werden wij gedrenkt met een Geest.

ALLELUIA

Alleluia. Kom heilige Geest, vervul het hart van uw gelovigen en ont­steek in hen het vuur van uw liefde. Alleluia.

EVANGELIE     Joh.20,19-23

In de avond van de eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats der leerlingen gesloten waren uit vrees voor de Joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: "Vrede zij u." Na dit gezegd te hebben toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen. Nogmaals zei Jezus tot hen: "Vrede zij u. Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u." Na deze woorden blies Hij over hen en zei: "Ontvang de heilige Geest. Aan wie ge de zonden vergeeft, zijn ze vergeven, en aan wie ge ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven."



HEILIGE MARIA, MOEDER VAN DE KERK
TWEEDE PINKSTERDAG 


EERSTE LEZING Gen. 3,9-15.20

Nadat Adam in de tuin van Eden van de boom gegeten had riep God de Heer de mens en vroeg hem: “Waar zijt gij?” Hij antwoordde: “Ik hoorde uw donder in de tuin, en toen werd ik bang, omdat ik naakt ben; daarom heb ik mij verborgen.” Maar God de Heer zei: “Wie heeft u verteld dat gij naakt zijt?
Hebt ge soms gegeten van de boom die Ik u verboden heb?” De mens antwoordde: “De vrouw die Gij mij als gezellin gegeven hebt, zij heeft mij van die boom gegeven, en toen heb ik gegeten.” Daarop vroeg God de Heer aan de vrouw: “Hoe hebt ge dat kunnen doen?” De vrouw zei: “De slang heeft mij verleid, en toen heb ik gegeten.” God de Heer zei toen tot de slang: “Omdat ge dit gedaan hebt, zijt gij vervloekt, onder alle tamme dieren en onder alle wilde beesten! Op uw buik zult ge kruipen en stof zult ge vreten, alle dagen van uw leven! Vijandschap sticht Ik tussen u en de vrouw, tussen uw kroost en het hare. Dit zal uw kop bedreigen, en gij zijn hiel.” De mens noemde zijn vrouw Eva, want zij is de moeder geworden van alle levenden.


TUSSENZANG Psalm 87

Refrein:
Hoe groots is wat er van u wordt gezegd
Jerusalem, stad van God.

Zijn stad op de heilige bergen: de Heer heeft haar lief;
de poorten van Sion veel meer dan alle tenten van Jakob. Refrein
.
Hoe groots is het wat er van u wordt gezegd, Jeruzalem, stad van God!
Zij zullen dan zeggen: “Mijn moeder is zij, uit haar zijn wij allen geboren.”
En Hij zal het zelf verklaren, de Allerhoogste, de Heer; Refrein.

Hij zal in het boek der volkeren schrijven: “Ook dezen horen daar thuis.”
Dan zullen zij dansen en zingen: “De bron van ons leven zijt Gij!” Refrein.


EVANGELIE Joh. 19, 25-34

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes.

In die tijd stonden bij het kruis van Jezus: zijn moeder en de zuster van zijn moeder, Maria, de vrouw van Klopas, en Maria Magdalena. Toen Jezus zijn moeder zag en bij haar staande de leerling die Hij liefhad, zei Hij tot zijn moeder: “Vrouw, zie uw zoon.” Vervolgens zei Hij tot de leerling: “Zie uw moeder.” En van dat uur af nam de leerling haar bij zich op. Hierna, wetend dat nu alles was volbracht, opdat de Schrift zou worden volbracht, zei Jezus:
“Ik heb dorst.” Er stond daar een kruik vol zure wijn. Ze staken dus een spons vol zure wijn op een hysopstengel, en brachten die aan zijn mond. Toen Jezus dan van de zure wijn genomen had, zei Hij: “Het is volbracht”, en nadat Hij het hoofd had gebogen, gaf Hij de geest. Aangezien het voorbereidingsdag was
en opdat de lichamen niet aan het kruis bleven op sabbat – want het was de grote dag van die sabbat vroegen de Joden aan Pilatus dat van hen de benen werden gebroken en zij zouden worden weggehaald. Daarop kwamen de soldaten en braken de benen van de eerste en van de andere die met Hem was gekruisigd. Toen zij echter bij Jezus kwamen en zagen dat Hij reeds dood was,
braken zij zijn benen niet; maar een van de soldaten doorstak zijn zijde met een lans en onmiddellijk kwam er bloed en water uit.



Archief preken