OVERWEGING 26E ZONDAG DOOR HET JAAR
Zoals zo dikwijls vertelt Jezus een parabel waarbij we ons moeten afvragen welke rol wij spelen in het verhaal. Want ook tegen ons zegt God: ‘Jongen, meisje, man, vrouw, ga vandaag in mijn wijngaard werken.’ En met die wijngaard wordt niet een akker bedoeld vol wijnstokken, maar het koninkrijk van God. De hogepriesters en de oudsten van het volk zullen daar volgens Jezus niet binnengaan omdat ze niet tot inkeer komen. En wij? Gaan wij wel binnen in dat koninkrijk? Dat rijk van liefde, vrede en gerechtigheid?
Want hoe reageren wij op die opdracht van God? Doen wij hetzelfde als die eerste zoon, en zeggen we ‘Ja, vader, dat zal ik doen’, maar doen we het helemaal niet? Want dat is wellicht de waarheid: we zetten ons vaak niet, of maar met mondjesmaat in voor Gods koninkrijk. We zeggen dat we tijd zullen maken voor eenzame mensen, maar het komt er niet van. We zeggen dat we zullen vergeven, maar we doen het niet. We zeggen dat we rechtvaardigheid belangrijk vinden, maar kijken weg wanneer iemand onrecht wordt aangedaan. We zeggen dat we Jezus willen volgen, maar gaan vaak onze eigen weg.
En daarmee laten we zien dat ons geloof meer uit woorden dan uit daden bestaat. Maar de echte vraag is: Wat doen wij met ons geloof? Wordt ons geloof zichtbaar in ons dagelijks leven?
Misschien zou het dus goed zijn als we ons in de tweede zoon zouden herkennen. Dat we dus ons ‘nee’ in ‘ja’ zouden omzetten. ‘Nee’ zeggen tegen God om in zijn wijngaard van liefde en vrede te werken, omdat we onze eigen weg willen gaan, of omdat we geen zin hebben om ons in te zetten voor onze medemensen, maar tot inkeer komen en toch ‘ja’ doen, omdat we proberen goede christenen te zijn, of omdat we weten dat werken in Gods wijngaard van liefde en vrede leidt naar wegen van geluk.
Zijn we dan in fout omdat we eerst nee hebben gezegd? Nee, dat zijn we niet, want bij God is bekering altijd mogelijk. Hij sluit niemand op in de fouten van zijn of haar verleden, maar geeft ons altijd de mogelijkheid om een andere weg te gaan. Een weg waar we op zijn liefde en hulp kunnen rekenen.
En dat is goed, want ieder van ons heeft ooit dingen gezegd of gedaan waar we later spijt van hebben. En ieder van ons heeft dingen niet gedaan die hij of zij beter wel had gedaan. Misschien omdat we dachten: ‘Nee, ik doe dat niet omdat het me niet ligt. Ik ben nu eenmaal zo, en daar kan ik niets aan veranderen.’ Maar de tweede zoon laat ons zien dat we wel kunnen veranderen, omdat we altijd opnieuw kunnen beginnen. Niet eenmalig, maar elke dag.
Zusters en broeders, christen zijn is geen geloof van woorden, maar van daden. Het is veel meer dan een geloofsbelijdenis. In zijn brief aan de christengemeenschap van Jeruzalem zegt de apostel Jacobus: ‘Geloof zonder werken is dood.’ Wie beweert te geloven, maar geen daden van liefde en zorg voor anderen verricht, heeft een dood geloof, zegt hij. Christen zijn is doen wat Jezus deed, dus woorden van liefde en vrede omzetten in daden van liefde en vrede, van nederigheid en dienstbaarheid, van gerechtigheid en vergeving. Dat is de wijngaard waarin God ons oproept te werken. En die wijngaard ligt niet veraf, maar vaak heel dichtbij: in ons gezin, op ons werk, in onze parochie, in de gemeenschap waarin we leven, in onze buurt. Kort gezegd: overal waar wij komen vraagt God ons om liefde te brengen, want overal zijn er mensen in nood, in eenzaamheid, in onzekerheid, in armoede, in ziekte. ‘Ga vandaag werken in mijn wijngaard’, zegt God. Dus niet morgen, overmorgen of volgende maand, maar vandaag. Dus altijd, want God zegt dat elke dag tegen ons. Laten we proberen ja te zeggen en ook ja te doen.
https://www.homilie.net/homili... bewerkt TS
ZESENTWINTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR
EERSTE LEZING Ez., 18, 25-28
Uit de Profeet Ezechiël
Dit zegt de Heer: "Gij beweert: De weg van de Heer is niet recht!" "Huis van Israël, luister toch! Zou het werkelijk mijn weg zijn, die niet recht is? Zijn niet veeleer uw eigen wegen niet recht? Als een rechtvaardige zich van zijn rechtvaardigheid afkeert en kwaad gaat doen, dan zal hij daaraan sterven, sterven om het kwaad dat hij gedaan heeft. En als de boosdoener zich van zijn boze daden afkeert en gaat handelen naar rechtschapenheid en deugd, dan zal hij in leven blijven. Als hij tot inzicht komt en zich afkeert van zijn slechte daden, dan blijft hij zeker leven, dan zal hij niet sterven.
TUSSENZANG Ps. 25 (24), 4bc-5, 6-7, 8-9
REFREIN: Gedenk uw barmhartigheid, Heer.
Wijs mij uw wegen, Heer, leer mij uw paden kennen.
Leid mij volgens uw woord, want Gij zijt mijn God en Verlosser.
Op U stel ik altijd mijn hoop, omdat ik vertrouw op uw goedheid.
Gedenk uw barmhartigheid, Heer, uw altijd geschonken ontferming.
Herinner U niet het kwaad van mijn jeugd, maar denk aan mij met erbarmen.
De Heer is goed en rechtschapen, daarom wijst Hij zondaars de weg.
TWEEDE LEZING Fil., 2, 1-11 of 1-5
Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Filippi
Broeders en zusters, Als vermaning in Christus en liefdevolle bemoediging iets vermogen, als gemeenschap van Geest, als hartelijkheid en mededogen u iets zeggen, maakt dan mijn vreugde volkomen door uw eenheid van denken, uw eenheid in de liefde, uw saamhorigheid en eensgezindheid. Geeft niet toe aan partijzucht en ijdelheid, maar acht in ootmoed de ander hoger dan uzelf. Laat niemand alleen zijn eigen belangen behartigen, maar liever die van zijn naasten. Die gezindheid moet onder u heersen welke Christus Jezus bezielde:
(Hij die bestond in goddelijke majesteit, heeft zich niet willen vastklampen aan de gelijkheid met God. Hij heeft zichzelf ontledigd en het bestaan van een slaaf op zich genomen. Hij is aan de mensen gelijk geworden. En als mens verschenen heeft Hij zich vernederd door gehoorzaam te worden tot de dood, tot de dood aan een kruis. Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem de naam verleend die boven alle namen is. Opdat bij het noemen van zijn naam zich iedere knie zou buigen in de hemel, op aarde en onder de aarde, en iedere tong zou belijden tot eer van God, de Vader: Jezus Christus is de Heer.)
ALLELUIA Joh., 10, 27
Alleluia. Mijn schapen luisteren naar mijn stem, zegt de Heer, en Ik ken ze en zij volgen Mij. Alleluia.
EVANGELIE Mt., 21, 28-32
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs
In die tijd zei Jezus tot de hogepriesters en de oudsten van het volk: "Wat denkt ge van het volgende? Een man had twee zonen. Hij ging naar de eerste toe en zei: Mijn zoon, ga vandaag werken in mijn wijngaard. "Goed vader" - antwoordde deze- maar hij deed het niet. Toen ging hij naar de tweede en zei hetzelfde. Deze antwoordde: "Neen, ik wil niet", maar later kreeg hij spijt en ging toch. Wie van de twee heeft nu de wil van zijn vader gedaan ?" Zij antwoordden: "de laatste!. Toen zei Jezus hun: "Voorwaar, Ik zeg u: de tollenaars en de ontuchtige vrouwen gaan eerder dan gij het Rijk Gods binnen. Johannes kwam tot u en beoefende de gerechtigheid; toch hebt gij hem geen geloof geschonken, terwijl de tollenaars en de ontuchtige vrouwen hem wel geloof schonken. Maar zelfs, nadat ge dit hadt gezien, zijt ge toch niet tot inkeer gekomen en hebt ge hem geen geloof geschonken!
Odulphus Najaarsconcert: zondag 18 oktober 2026 in de Sint-Odulphuskerk
Mededeling weekeinde 26 en 27 september 2026 Benoeming Berend van de Berg
Funeraire Erfgoeddag: zondag 4 oktober 2026 13.00-17.00 uur bij Uitvaartcentrum Mutsaers
PRACHTIG BEDRAG VASTENACTIEPROJECT!
De eerste nieuwsbrief van OdulphuSamen is uit en de eerste Torendag was een succes!