Kies uw kerk

Preek van de week

2017-04-15. Leven, recht door zee.

Paaszaterdag 2017, A

 

Eerste lezing: Exodus 14, 15-31. 15,1a

Evangelie: Matteüs 28, 1-10

 

Met kerstmis hoorden we hier, op deze plaats engelen het uitzingen van vreugde: “Eer aan God in den hoge en vrede op aarde...” We zijn nu een paar maanden verder. De vrede is ver te zoeken en heeft plaats gemaakt voor vrees. Daarom roept de engel van vandaag: "Gij hoeft niet bevreesd te zijn. Gij zoekt de Gekruisigde. Hij is niet hier. Hij is verrezen, zoals Hij gezegd heeft."

Deze boodschap van de engel is de blijde boodschap van deze Paasnacht. Het leven van Jezus, zijn lijden, zijn kruisdood, zijn liefde voor God en de mensen zijn niet voor niets geweest, zij zijn niet stuk gelopen op de dood. God heeft Jezus opgewekt. Hij leeft!

En dan vragen mensen van alle tijden: hoe kan dat nou, opstaan uit de dood? Het ligt buiten ons voorstellingsvermogen. Het lag ook buiten het voorstellingsvermogen van de leerlingen. Ze verzetten zich aanvankelijk tegen die ongelofelijke boodschap. Het lege graf overtuigde allerminst. Pas langzamerhand als de levende Heer zich aan hen toont, in de gebeurtenissen na de verrijzenis, geven ze zich gewonnen en komen ze tot geloof. En dat geloof is dan zo sterk dat ze er heel de wereld mee over trekken en het aan iedereen vertellen: Jezus leeft!

Mattheus 28, 1-10

Mattheus 28, 1-10

Het feit dat Jezus leeft, dat Hij de dood heeft overwonnen, gaat hun leven bepalen. Het wordt de belangrijkste drijfveer van hun leven. Ze gaan er anders door leven. Ze proberen Jezus' manier van leven in praktijk te brengen: ze gaan bidden net als Hij, vertrouwvol tot de hemelse Vader. Ze proberen zichzelf te geven op de wijze van Jezus. In hun huwelijk, voor vrienden, collega’s buren zijn ze bereid meer te geven. Ze willen proberen zichzelf weg te cijferen voor hun kinderen, voor hun medemensen in nood. Zoals Jezus het deed willen ze proberen hun leven te aanvaarden en recht door zee te leven naar God toe. Leven, recht door zee, is leven van bevrijding.

 

Zalig Pasen

Amen

Genesis: 22, 1-19

Toen sprak de Heer tot Mozes: ‘Wat roept u Mij toch. Beveel de Israëlieten verder te trekken. Uzelf moet uw hand opheffen, uw staf uitstrekken over de zee en haar in tweeën splijten. Dan kunnen de Israëlieten over de droge bodem door de zee trekken. Ik ga de Egyptenaren halsstarrig maken, zodat zij hen achterna gaan. En dan zal Ik mijn heerlijkheid bewijzen ten koste van de farao en heel zijn legermacht, zijn wagens en zijn wagenmenners. De Egyptenaren zullen weten dat Ik de Heer ben, als Ik mijn heerlijkheid bewijs ten koste van de farao, zijn wagens en zijn wagenmenners.’ De engel van God die aan de spits van het leger van de Israëlieten ging, veranderde van plaats en stelde zich achter hen op. De wolkkolom ging weg van de spits en stelde zich achter hen op. Zo kwam zij tussen het leger van de Egyptenaren en het leger van de Israëlieten in te staan. De wolk bleef donker zodat het die nacht niet tot een treffen kwam. Toen strekte Mozes zijn hand uit over de zee en de Heer liet die hele nacht door een sterke oostenwind de zee terugwijken. Hij maakte van de zee droog land en de wateren splitsten. Zo trokken de Israëlieten over de droge bodem de zee door, terwijl de wateren links en rechts van hen een wand vormden. De Egyptenaren zetten de achtervolging in; alle paarden van de farao, zijn wagens en zijn wagenmenners gingen achter de Israëlieten aan de zee in. Tegen de ochtendwake richtte de Heer vanuit de vuurzuil en de wolkkolom zijn blikken op de legermacht van de Egyptenaren en bracht ze in verwarring. Hij liet de wielen van de wagens scheeflopen, zodat ze slechts met moeite vooruit kwamen. De Egyptenaren riepen uit: ‘Laten we vluchten voor de Israëlieten, want de Heer strijdt voor hen tegen ons.’ Toen sprak de Heer tot Mozes: ‘Strek uw hand uit over de zee, dan zal het water terugstromen over de Egyptenaren, hun wagens en hun wagenmenners.’ Mozes strekte zijn hand uit over de zee, en toen het licht begon te worden vloeide de zee naar haar gewone plaats terug. En omdat de Egyptenaren er tegenin vluchtten dreef de Heer hen midden in de zee. Het water dat terugvloeide overspoelde de wagens en de wagenmenners, heel de strijdmacht van de farao die de Israëlieten op de bodem van de zee achterna was gegaan. Er bleef er niet één gespaard. De Israëlieten trokken over de droge bodem van de zee, terwijl de wateren links en rechts van hen een wand vormden. Zo redde de Heer op deze dag Israël uit de greep van Egypte; Israël zag de Egyptenaren dood op de kust liggen. Toen Israël het machtige optreden van de Heer tegen Egypte gezien had, kreeg het volk ontzag voor de Heer; zij stelden vertrouwen in de Heer en in Mozes, zijn dienaar.

20170415 Paaszaterdag A

20170415 Paaszaterdag A

20170415 Paaszaterdag B

20170415 Paaszaterdag B

Matteüs 28, 1-10

        De vrouwen bij het graf
Na de sabbat, bij het aanbreken van de eerste dag van de week, gingen Maria van Magdala en de andere Maria naar het graf kijken. Plotseling kwam er een zware aardbeving. Want een engel van de Heer daalde uit de hemel neer, kwam naderbij, rolde de steen weg en ging erop zitten. Zijn uiterlijk schitterde als een bliksemflits en zijn kleding was wit als sneeuw. De wachters beefden van angst en werden lijkbleek. De engel zei tegen de vrouwen: ‘U hoeft niet bang te zijn, want ik weet dat u Jezus zoekt die gekruisigd is. Hij is niet hier: Hij is tot leven gewekt, zoals Hij gezegd heeft. Kom, kijk naar de plaats waar Hij gelegen heeft. Ga snel tegen zijn leerlingen zeggen: “Hij is uit de doden opgewekt, en zie, Hij gaat voor u uit naar Galilea; daar zult u Hem zien.” Dit had ik u te zeggen.’ Ze gingen snel van het graf weg, vol angst en met grote vreugde, en ze liepen hard om het aan zijn leerlingen te vertellen. En zie, Jezus kwam hun tegemoet. ‘Gegroet’, zei Hij. Ze gingen naar Hem toe, grepen Hem bij de voeten vast en vielen voor Hem op de knieën. Toen zei Jezus hun: ‘Wees niet bang. Ga mijn broeders vertellen dat ze naar Galilea moeten gaan. Daar zullen ze Mij zien.’

Archief preken