Kies uw kerk

Preek van de week

2017-05-28. De mis een bergervaring

        Preek 7de zondag van Pasen, A

 

Eerste lezing: Handelingen der apostelen 1, 12-14

Evangelie: Johannes 17, 1-11.

De eerste lezing van vandaag is een uitnodiging om eens anders naar een Bijbeltekst te kijken.

We lezen dat de apostelen van de Olijfberg naar beneden gingen, naar de stad Jeruzalem. In de stad aangekomen gingen ze weer naar boven, naar de bovenzaal. De lichamelijke beweging van de apostelen verwijst naar de geestelijke beweging die zij doormaken. Laten we samen eens kijken.

Met Jezus gaan ze naar de Olijfberg, ze gaan omhoog. Daar wordt Jezus aan hun zicht onttrokken. Wat zal dit een indruk op de apostelen hebben gemaakt. Een ervaring om nooit te vergeten, een gebeurtenis waar je helemaal vol van bent. Ook wij kennen dit soort gebeurtenissen in ons eigen leven. Denken we aan het afscheid van een dierbare, zeker als we dit van heel nabij hebben meegemaakt. Het vervult al ons denken, spreken en handelen.

Bijzondere indrukken zijn mooi en belangrijk, maar daar bestaat het leven niet uit. Steeds weer moeten we terug, terug naar de aarde, terug naar de werkelijkheid. Immers de verantwoordelijkheden en het leven van alle dag eisen dat we verder gaan. We komen als het ware van de berg, het hoogte punt in mijn beleving, in het dal. Het leven van en de mogelijke sleur van alle dag, eist zijn aandacht op.

Vaak denken we later terug aan de bijzondere ervaring die we hebben gehad. Het brengt ons weer met ons gevoel bij de dag, het moment van toen. Als we stil worden, als we er samen over praten, dan komt de genoten ervaring weer heel dichtbij. Dit is het aanwezig zijn van de apostelen in de bovenzaal. Het is hetzelfde als we herinneringen ophalen van een geliefde gestorvene.
Wat vertelt deze episode uit de Handelingen ons betreffende ons gemeenschapsleven?
Wekelijks komen we hier samen. Luisterend, herinneren we ons het leven van Jezus. Daarnaast mogen we ons eigen leven herkennen in het leven Jezus en de apostelen. Wat zij deden, willen wij doen, hier en nu. Onze samenkomsten kunnen zo een soort berg- en bovenzaal ervaring zijn. Na de viering gaan we terug naar onze huizen, onze verantwoordelijkheden; het dal. De week daarop zijn we weer terug in onze gezamenlijke bijeenkomst, de berg. Tenminste, als we dat willen.

Johannes 17, 1-11

Johannes 17, 1-11

Ons samenzijn hier en nu, mag een bergervaring zijn, een moment dat we ons opgetild voelen en weten. Daarom zijn ook de voorbeden die we samen bidden zo belangrijk. Op deze manier uiten we naar elkaar van onze diepste vragen en blijdschap. Zo kan elke mis een bergervaring zijn.
Natuurlijk niet als we er als een tegen berg tegenop zien…!

 

Amen.

Prent: Twaalfde artikel - Ik geloof in het eeuwig leven

Uit: Het Prentencatechismus

Deze prent stelt de hemel voor. We zien in het midden de drie goddelijke personen in een driehoek op een glorietroon gezeten en omringd door engelen. Velen van hen spelen op diverse speeltuigen en anderen zwaaien met een wierookvat voor de drie goddelijke personen. Aan hun hoofd staat de heilige maagd Maria, hun koningin; zij zit aan de rechterkant van haar zoon, Jezus Christus. Ze zetelt op een troon die kleiner is dan die van God, maar toch hoger dan iedereen die niet aan God gelijk is.

Op de tweede rij bevinden zich rechts de heilige Johannes de Doper, Mozes, David, Abraham en andere heiligen van het Oude Testament. Links zien we de heilige Jozef, de heilige Petrus en de overige apostelen, een evangelist met een boek in de hand en verschillende heiligen van het Nieuwe Testament.

Op de derde rij zien we de andere heiligen waaronder de martelaren, zoals de heilige Stefanus, heilige bisschoppen, een heilige koning, heilige maagd-en-martelaressen zoals de heilige Cecilia en de heilige Catharina, alsook heilige vrouwen zoals de heilige Maria Magdalena.

De heilige Stephanus houdt een steen in de hand, omdat hij gestenigd werd.

De heilige Cecilia heeft een harp in de hand, omdat zij onder begeleiding van muziekinstrumenten Gods lof zong.

Aan de voeten van de heilige Catharina ligt een verbrijzeld rad, omdat men haar probeerde te radbraken, d.w.z. martelen door haar vast te binden op een rad vol met scherpe foltertuigen. Het rad brak echter toen men het in het in beweging wilde zetten.

De heilige Maria Magdalena heeft een kruik in de hand omdat zij het hoofd van Jezus, de Zaligmaker, waste met kostbare, geurige oliën.

Handelingen 1, 12-14

Jezus’ laatste opdracht en hemelvaart
Daarna keerden ze van de zogeheten Olijfberg, die dichtbij Jeruzalem ligt, op een sabbatsreis afstand, terug naar Jeruzalem. Toen ze de stad binnenkwamen, gingen ze naar de bovenzaal waar ze gewoonlijk verbleven: Petrus, Johannes, Jakobus en Andreas, Filippus en Tomas, Bartolomeüs en Matteüs, Jakobus van Alfeüs, Simon de Zeloot en Judas van Jakobus. Zij bleven allen trouw en eensgezind in gebed, samen met de vrouwen, met Maria, de moeder van Jezus, en zijn broers.

Evangelie: Johannes 17, 1-11a

Afscheidsgebed van Jezus
In die tijd sloeg Jezus zijn ogen op naar de hemel en bad: ‘Vader, het uur is gekomen! Verheerlijk uw Zoon, opdat uw Zoon U verheerlijkt. Laat Hem, krachtens de macht die U Hem gegeven hebt over alle mensen, eeuwig leven schenken aan al degenen die U aan Hem hebt toevertrouwd. Eeuwig leven! Dat betekent dat ze U, de enige waarachtige God, leren kennen, en ook degene die U gezonden hebt: Jezus Christus. Ik heb U op aarde verheerlijkt door het werk te volbrengen dat U Mij te doen hebt gegeven. Verheerlijk Mij nu, Vader, aan uw zijde, en bekleed Mij met de heerlijkheid die Ik bij U bezat voordat de wereld bestond. Ik heb uw naam geopenbaard aan de mensen uit de wereld, die U Mij had toevertrouwd. Ze waren van U, en U hebt hen aan Mij toevertrouwd. Ze hebben uw woord ter harte genomen. Nu erkennen ze dat alles wat U Mij gegeven hebt, van U komt. Want de woorden die U Mij gegeven had, heb Ik aan hen doorgegeven, en zij hebben die aangenomen: ze hebben naar waarheid erkend dat Ik van U ben uitgegaan; ze hebben geloofd dat U Mij hebt gezonden. Voor hen bid Ik. Niet voor de wereld, maar voor hen die U Mij hebt toevertrouwd bid Ik, omdat ze de uwen zijn – al het mijne is trouwens het uwe en al het uwe is het mijne – en omdat in hen mijn heerlijkheid zichtbaar is geworden. Ik ben al niet meer in de wereld, maar zij, zij blijven in de wereld achter, terwijl Ik naar U toe kom. Heilige Vader, bewaar hen in uw naam, die U Mij hebt toevertrouwd, opdat ze één mogen zijn zoals Wij.

Archief preken